ECLI:NL:RBDOR:2007:BB7761
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens ontbreken mededeling cessie vóór faillissement
Eiser stelde dat hij een vordering op TED had verkregen via cessie van PMI, die inmiddels failliet is verklaard. De cessie was vastgelegd in een onderhandse akte, maar mededeling daarvan aan TED ontbrak volgens de rechtbank.
TED betwistte de geldigheid van de cessie en verwees naar het eerdere vonnis waarin de oorspronkelijke vordering van PMI was afgewezen wegens ontbreken van een overeenkomst. De rechtbank oordeelde dat zonder mededeling van de cessie aan TED vóór het faillissement van PMI geen overdracht had plaatsgevonden.
De brief van de advocaat van eiser aan de advocaat van TED werd niet als geldige mededeling beschouwd, omdat deze niet rechtstreeks aan TED was gericht en niet duidelijk maakte dat sprake was van cessie. De dagvaarding kwam bovendien na het faillissement.
Daarom werd de vordering afgewezen en eiser veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd bij vervroeging uitgesproken op 7 november 2007 door mr. W.J.M. Diekman.
Uitkomst: Vordering afgewezen wegens ontbreken mededeling cessie aan TED vóór faillissement PMI.