ECLI:NL:RBDOR:2007:BA6661
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens sluiting Nederlandse vestiging met vrijwaring fiscale aansprakelijkheid
Verzoekster, een dochteronderneming van een Japans bedrijf, besloot de Nederlandse vestiging te sluiten wegens tegenvallende verkoopresultaten en droeg de verkoopactiviteiten over aan een derde partij. Verweerder, General Manager en belangenbehartiger van werknemers, verzette zich tegen de sluiting en vorderde ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een hoge beëindigingsvergoeding en een bankgarantie vanwege fiscale risico's.
De kantonrechter oordeelde dat de sluiting een gewichtige reden vormt voor ontbinding, maar dat verzoekster onvoldoende alternatieven had overwogen en onvoldoende zorgvuldigheid betrachtte in communicatie met werknemers. Verzoekster mocht een correctiefactor van 2 toepassen op de kantonrechtersformule voor de vergoeding.
Verder werd aan verweerder een voorwaarde verbonden dat verzoekster hem volledig vrijwaart voor fiscale aansprakelijkheid uit hoofde van de Invorderingswet, aangezien verzoekster geen garantie had gegeven. Een immateriële schadevergoeding werd afgewezen omdat de omstandigheden reeds in de vergoeding waren verdisconteerd.
De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 juli 2007, met een bruto vergoeding van €95.911,= en de mogelijkheid voor verzoekster het verzoek in te trekken tot 18 juni 2007.
Uitkomst: Arbeidsovereenkomst ontbonden per 1 juli 2007 met bruto beëindigingsvergoeding van €95.911 en volledige vrijwaring fiscale aansprakelijkheid.