ECLI:NL:RBDOR:2007:BA0478
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd na faillissementsoverneming bevestigd
De zaak betreft een arbeidsovereenkomst van een werkneemster die oorspronkelijk in dienst was bij een failliete vennootschap. Na faillissement nam Bakkerij Alblasserwaard de onderneming over en sloot met de werkneemster een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. De werkneemster vorderde echter dat deze overeenkomst als een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd moest worden beschouwd op grond van artikel 7:668a BW.
De kantonrechter oordeelde dat hoewel de curator het oorspronkelijke dienstverband had opgezegd, de arbeidsovereenkomst met de overnemer niet automatisch voor bepaalde tijd was. Artikel 7:668a lid 2 juncto lid 1 BW bepaalt dat bij opvolgend werkgeverschap de arbeidsovereenkomst als onbepaalde tijd wordt voortgezet. De curator kon het dienstverband beëindigen, maar de overnemer had een keuze om de werknemer al dan niet in dienst te nemen. Deze keuze leidt niet tot een maatschappelijk ongewenste situatie.
De kantonrechter stelde vast dat de werkneemster zich beschikbaar had gesteld voor de arbeid en dat de loonvordering terecht was. De loonbetaling door Bakkerij Alblasserwaard werd veroordeeld vanaf 3 maart 2006 tot het moment van rechtsgeldige beëindiging, vermeerderd met wettelijke rente. De gevorderde wettelijke verhoging werd gematigd tot nihil en buitengerechtelijke kosten werden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Tot slot werd Bakkerij Alblasserwaard veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd uitgesproken op 12 maart 2007 door kantonrechter B.C. Vink.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst is een overeenkomst voor onbepaalde tijd en de overnemer is veroordeeld tot betaling van loon vanaf 3 maart 2006 met wettelijke rente.