ECLI:NL:RBDOR:2006:AZ1422
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging tot doodslag met verminderd toerekeningsvatbaarheid en voorwaardelijke gevangenisstraf
Op 16 juli 2006 stak de verdachte tijdens een woordenwisseling in een flatgebouw in Gorinchem meerdere keren met een mes in de borst en armen van het slachtoffer. De rechtbank achtte niet bewezen dat sprake was van poging tot moord met voorbedachten rade, maar wel poging tot doodslag.
Uit een deskundigenrapport bleek dat verdachte leed aan een persoonlijkheidsstoornis en onder invloed van alcohol was, wat leidde tot impulsief en agressief gedrag. De rechtbank concludeerde dat verdachte verminderd toerekeningsvatbaar was.
De rechtbank hield rekening met de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van verdachte, en het feit dat hij niet eerder met geweldsdelicten in aanraking was gekomen. Daarom werd een gevangenisstraf van 20 maanden opgelegd, waarvan 8 maanden voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden omtrent reclassering en alcoholgebruik.
Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van een immateriële schadevergoeding van €1.000 aan het slachtoffer, met een deel van de civiele vordering niet-ontvankelijk verklaard en doorverwezen naar de burgerlijke rechter.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 20 maanden gevangenisstraf, waarvan 8 maanden voorwaardelijk, wegens poging tot doodslag met verminderd toerekeningsvatbaarheid.