ECLI:NL:RBDOR:2006:AY7859
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vordering schadevergoeding wegens schending non-concurrentiebeding afgewezen voor reputatieschade, deels toegewezen voor omzetderving
De kantonrechter te Dordrecht behandelde een zaak waarin eiseres schadevergoeding vorderde wegens schending van een non-concurrentiebeding door gedaagde. Eiseres had aanvankelijk een schadevergoeding van ruim €208.000 gevorderd, inclusief reputatieschade en omzetderving over drie jaar. Na een eerdere uitspraak werd eiseres in de gelegenheid gesteld haar schade nader te onderbouwen.
Eiseres baseerde haar schadevordering voornamelijk op een accountantsrapport waarin 30 bedrijven werden genoemd die als gevolg van het handelen van gedaagde van eiseres naar gedaagde waren overgestapt. Gedaagde betwistte enkele klantenovergangen en maakte bezwaar tegen de vermeerdering van de eis, maar dit bezwaar werd afgewezen.
De rechtbank oordeelde dat de reputatieschade onvoldoende concreet was onderbouwd en daarom niet toewijsbaar. De omzetderving werd wel erkend, maar de termijn van drie jaar werd als te speculatief beoordeeld. De schadevergoeding werd daarom ex art. 6:97 BW Pro geschat op €50.000, rekening houdend met een periode van één jaar omzetderving en bijkomende kosten.
Gedaagde werd veroordeeld tot betaling van deze schadevergoeding, vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten. De uitspraak bevestigt het belang van een concrete en onderbouwde schadepost en beperkt de vergoeding tot een realistische inschatting van de geleden schade.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €50.000 schadevergoeding wegens omzetderving, reputatieschade wordt afgewezen.