ECLI:NL:RBDOR:2006:AY7079
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding wegens beschikkingsonbevoegdheid bij koop gestolen voertuig
Eiser kocht op 3 augustus 2005 een BMW van gedaagde, die later bleek gestolen te zijn en voorzien van een vals kenteken. De auto was niet eigendom van gedaagde, die daardoor beschikkingsonbevoegd was en de eigendom niet kon overdragen. Eiser vorderde schadevergoeding wegens deze tekortkoming.
Gedaagde stelde dat eiser niet te goeder trouw was omdat hij wist van een afwijking in de versnellingsbak en onvoldoende onderzoek had verricht. De rechtbank oordeelde echter dat deze omstandigheid niet leidde tot het ontbreken van goede trouw, mede omdat dergelijke wijzigingen in de autobranche vaker voorkomen zonder aanpassing van het kentekenbewijs.
De rechtbank stelde vast dat gedaagde tekort was geschoten in de nakoming van de koopovereenkomst en veroordeelde hem tot betaling van de schadevergoeding, bestaande uit het bedrag dat eiser aan de rechtmatige eigenaar moest betalen, de kosten voor verkoopklaar maken van de auto en wettelijke rente. De vordering voor het waardeverschil werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Gedaagde werd tevens veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €7.375,-- met wettelijke rente en proceskosten wegens beschikkingsonbevoegdheid bij verkoop gestolen BMW.