ECLI:NL:RBDOR:2006:AX2927
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling tekortschietend besef van verantwoordelijkheid bij schenking auto en WWB-uitkering
Eiser stelde dat de Mercedes Benz nooit aan zijn zoon toebehoorde en dat het kenteken slechts op zijn naam stond voor verzekeringstechnische redenen. Verweerder concludeerde echter dat door de tenaamstelling van het kentekenbewijs op naam van eiser, hij als eigenaar moest worden beschouwd, tenzij tegenbewijs werd geleverd.
De rechtbank overwoog dat het aan eiser was om voldoende tegenbewijs te leveren, wat niet is gebeurd. De brief van een verzekeringsagent en de getuigenverklaring van de zoon konden niet als voldoende bewijs worden aangemerkt. Verweerder mocht ervan uitgaan dat eiser eigenaar was en dat hij door de schenking van de auto aan zijn zoon inkomen uit verkoop heeft misgelopen, wat een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan inhoudt.
Het beroep tegen het besluit van 24 december 2004 werd gegrond verklaard wegens niet-ontvankelijkheid van het bezwaarschrift, maar het beroep tegen het besluit van 7 februari 2005 werd ongegrond verklaard. De rechtbank bepaalde tevens dat het door eiser betaalde griffierecht werd vergoed.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 24 december 2004 is gegrond verklaard wegens niet-ontvankelijkheid van het bezwaarschrift, het beroep tegen het besluit van 7 februari 2005 is ongegrond verklaard.