ECLI:NL:RBDOR:2006:AX2033
Rechtbank Dordrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Niet-bindendheid non-concurrentiebeding na ontslag statutair directeur en voortzetting werkzaamheden
Intersea Trading B.V. vordert in kort geding dat [gedaagde] wordt veroordeeld tot betaling van een voorschot en het staken van werkzaamheden voor Prisma, wegens schending van een non-concurrentiebeding en geheimhoudingsplicht. [gedaagde] was statutair directeur bij Intersea en had na het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd ontslag gekregen, waarna hij zijn werkzaamheden voortzette als operational manager.
De rechtbank stelt vast dat het ontslag als statutair directeur een ingrijpende wijziging van de arbeidsverhouding betekende, waardoor een nieuw dienstverband is ontstaan. Het oorspronkelijke non-concurrentiebeding uit de arbeidsovereenkomst van 2001 is daarmee komen te vervallen, en er is geen nieuwe schriftelijke overeenkomst gesloten.
Intersea kon onvoldoende aannemelijk maken dat [gedaagde] onrechtmatig handelde of het non-concurrentiebeding schond. De gestelde schending van de geheimhoudingsplicht en de verbeurde boetes zijn onvoldoende onderbouwd. De vorderingen worden daarom afgewezen en Intersea wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van Intersea worden afgewezen omdat het non-concurrentiebeding niet meer van toepassing is na het ontslag en het nieuwe dienstverband.