ECLI:NL:RBDOR:2005:AS2530
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot faillietverklaring wegens onvoldoende baten
Op 6 januari 2005 heeft de schuldenaar, handelend onder een handelsnaam en woonachtig te een woonplaats, een verzoek tot faillietverklaring ingediend bij de rechtbank Dordrecht. Dit verzoek werd behandeld in de enkelvoudige kamer voor burgerlijke zaken op 12 januari 2005, waarbij de schuldenaar zelf aanwezig was.
De schuldenaar was eerder op 16 mei 2001 automatisch failliet verklaard vanwege de tussentijdse beëindiging van een schuldsaneringsregeling. Dit faillissement werd op 7 augustus 2002 opgeheven wegens gebrek aan baten. Volgens artikel 18 tweede Pro alinea van de Faillissementswet kan na een dergelijk faillissement een nieuw faillissement op eigen aangifte alleen worden uitgesproken indien de schuldenaar kan aantonen dat er voldoende baten zijn om de kosten van het faillissement te dekken.
De schuldenaar heeft op het aangifteformulier geen activa of inkomsten vermeld en bevestigde ter zitting dat er geen baten aanwezig zijn. De rechtbank concludeerde daarom dat het verzoek niet kan worden toegewezen en wees het af. Tegen deze beschikking staat hoger beroep open binnen acht dagen na de uitspraak, via een procureur bij het bevoegde gerechtshof.
Uitkomst: Het verzoek tot faillietverklaring wordt afgewezen wegens onvoldoende baten om de faillissementskosten te bestrijden.