ECLI:NL:RBDOR:2004:AO1370
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.F. van der Lugt
- M.A.C. Prins
- M. Breeman
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens meervoudige verkrachting van minderjarig meisje en toewijzing immateriële schadevergoeding
De rechtbank Dordrecht heeft verdachte veroordeeld voor meervoudige verkrachting van een 15-jarig meisje over een periode van anderhalf jaar. Verdachte, een goede kennis van het slachtoffer, maakte misbruik van een vertrouwensrelatie en oefende fysiek en psychisch overwicht uit om het slachtoffer tot seksuele handelingen te dwingen.
De rechtbank verwierp het verweer van verdachte dat het slachtoffer vrijwillig meedeed en een gelijkwaardige partner was. Uit verklaringen van verdachte en het slachtoffer blijkt dat verdachte het initiatief nam en geweld gebruikte, terwijl het slachtoffer bang was en zich niet kon verzetten. De bewezenverklaring omvat diverse seksuele handelingen, waaronder penetratie en geweld.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van 36 maanden op, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en een bijzondere voorwaarde tot reclasseringscontact en dadertherapie. Tevens werd een immateriële schadevergoeding van €4.500 toegewezen aan het slachtoffer. Materiële schadevorderingen werden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing en moeten bij de civiele rechter worden ingediend.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 36 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, en moet €4.500 immateriële schadevergoeding betalen aan het slachtoffer.