ECLI:NL:RBDOR:2003:AN9061
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst wegens bedrijfsmatig gebruik woning voor prostitutie
De woningstichting vordert ontbinding van de huurovereenkomst met betrekking tot een woning die door de huurder niet overeenkomstig de bestemming 'wonen' wordt gebruikt. De huurder stelt dat hij de woning als pied-à-terre gebruikt en dat het gebruik als woning niet volledig dagelijks hoeft te zijn.
De kantonrechter oordeelt dat de huurder niet is geslaagd in de bewijsopdracht dat de woning voor het overgrote deel als woning wordt gebruikt. Uit getuigenverklaringen en overgelegde bewijsstukken blijkt dat de woning feitelijk voornamelijk wordt gebruikt voor de dagelijkse uitoefening van prostitutieactiviteiten door een derde persoon.
Hoewel de woning er als woonruimte uitziet en slechts één kamer voor prostitutie wordt gebruikt, is het gebruik voor bedrijfsmatige activiteiten overheersend. Overlast voor omwonenden is niet vastgesteld, maar dit is niet relevant voor de beoordeling van het gebruik volgens de huurovereenkomst.
De kantonrechter ontbindt de huurovereenkomst, veroordeelt de huurder tot ontruiming binnen één maand en tot betaling van een schadevergoeding voor iedere maand dat de ontruiming uitblijft. Tevens worden de proceskosten aan de huurder opgelegd.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden wegens bedrijfsmatig gebruik van de woning, met ontruiming en schadevergoeding opgelegd aan de huurder.