ECLI:NL:RBDOR:2003:AM2867
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Wanprestatie verhuurder door niet verschaffen feitelijk genot gehuurde woning en immateriële schadevergoeding
Eiser huurt sinds juli 2001 een onderverdieping van een woning van gedaagden. In oktober 2002 spijkerde gedaagde 1 de deur van eiser dicht en beëindigde de huurovereenkomst met onmiddellijke ingang vanwege het plaatsen van een nieuw slot zonder toestemming. Na politie-ingrijpen kreeg eiser toegang tot zijn woning, maar op 1 december 2002 werd hij door een onbekende man, die vaak bij gedaagde 1 kwam, bedreigd en mishandeld, waardoor hij de woning niet meer durfde te betreden.
Ondanks pogingen kon eiser zijn goederen niet meer terughalen; de woning werd door de onbekende man bewoond. Eiser vordert een schadevergoeding voor vermiste goederen, terugbetaling van huur en een aanvullende immateriële schadevergoeding wegens de gedwongen verhuizing. Gedaagde 2 beroept zich op overmacht en ontkent betrokkenheid.
De kantonrechter oordeelt dat gedaagden tekortgeschoten zijn in hun verplichting tot het verschaffen van feitelijk genot, waarbij gedaagde 1 heeft toegelaten dat eiser onder bedreiging werd uitgezet. Gedaagden zijn hoofdelijk aansprakelijk. De immateriële schadevergoeding wordt naar billijkheid vastgesteld op € 1.000. De huurovereenkomst wordt per 1 december 2002 opgezegd en gedaagden worden veroordeeld tot betaling van € 12.341,- plus proceskosten.
Uitkomst: Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van schadevergoeding en de huurovereenkomst wordt per 1 december 2002 opgezegd.