ECLI:NL:RBDOR:2003:AL7258
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling loon, vakantiedagen, overuren en matiging concurrentiebeding na ontbinding arbeidsovereenkomst
Partijen sloten op 22 mei 2001 een arbeidsovereenkomst waarbij eiser als boekhouder werd aangesteld. Na ziekteperiodes en herstel ontstonden geschillen over loonbetalingen, vakantiedagen, provisie, overuren en het concurrentiebeding. De arbeidsovereenkomst werd op 21 februari 2003 ontbonden.
Eiser vorderde betaling van salaris vanaf 9 september 2002 tot 23 december 2002, suppleties bij arbeidsongeschiktheid, vakantiegeld, wettelijke verhogingen wegens te late betaling, niet-genoten vakantiedagen, provisie, reiskosten, overuren, en nakoming van spaarloonregelingen. Tevens verzocht hij matiging of vernietiging van het concurrentiebeding.
De kantonrechter oordeelde dat eiser pas vanaf 26 september 2002 bereid was arbeid te verrichten, waardoor loonvordering voor eerdere periode faalde. Suppleties werden afgewezen wegens ontbreken van gebruik. Vakantiegeldvordering werd onvoldoende onderbouwd en afgewezen. Wettelijke verhoging wegens te late betaling werd toegekend, maar gematigd tot 10%. Niet-genoten vakantiedagen, provisie, reiskosten en overuren werden toegewezen. Concurrentiebeding werd beperkt tot één jaar vanwege onredelijke benadeling van eiser.
Proceskosten werden gecompenseerd. Vordering tot overlegging provisieoverzichten werd toegewezen onder dwangsom. Vordering tot nakoming spaarloon werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Uitkomst: Werkgever veroordeeld tot betaling van achterstallig loon, vakantiedagen, overuren, reiskosten en matiging concurrentiebeding tot één jaar.