ECLI:NL:RBDOR:2001:AB1735
Rechtbank Dordrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.A.C. Smid
- S.R.B. Walther
- C.B.M. Bruens
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor doodslag met terbeschikkingstelling en verpleging
Op 12 december 1999 heeft verdachte een persoon met een grote, zware steen op het hoofd geslagen, wat heeft geleid tot het overlijden van het slachtoffer. De rechtbank heeft bewezen verklaard dat verdachte dit met opzet heeft gedaan en dat hij de aanmerkelijke kans op de dood van het slachtoffer aanvaardde.
De rechtbank heeft deskundigenrapporten in overweging genomen waaruit blijkt dat verdachte verminderd toerekeningsvatbaar is vanwege een gebrekkige ontwikkeling en een ziekelijke stoornis in zijn geestvermogens. Verweren op basis van noodweer en noodweerexces zijn verworpen omdat er geen aanwijzingen waren voor een voorafgaande aanranding of een hevige gemoedsbeweging.
De rechtbank heeft rekening gehouden met de ernst van het feit, de persoonlijke omstandigheden van verdachte, eerdere veroordelingen en de adviezen van deskundigen die een verhoogde kans op recidive en een ernstige persoonlijkheidsstoornis met verslavingsproblematiek signaleren. Daarom is een gevangenisstraf van zes jaar opgelegd, met aftrek van voorarrest, en een maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege.
De maatregel is opgelegd om de veiligheid van anderen te waarborgen en omdat een behandeling onder voorwaarden onvoldoende garanties biedt tegen recidive. De rechtbank heeft het vonnis uitgesproken op 17 mei 2001 en verklaart verdachte strafbaar voor het bewezen verklaarde feit van doodslag.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf en terbeschikkingstelling met verpleging wegens doodslag met verminderd toerekeningsvatbaarheid.