ECLI:NL:RBDHA:2026:9931
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.L.M. Steinebach - de Wit
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen niet-ontvankelijkverklaring asielaanvragen wegens internationale bescherming in Spanje
Verzoekers hebben asielaanvragen ingediend die door de minister van Asiel en Migratie niet-ontvankelijk zijn verklaard omdat zij in Spanje internationale bescherming genieten. Verzoekers betwisten deze beschermingsstatus en hebben beroep ingesteld en voorlopige voorzieningen gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft de verzoeken om voorlopige voorziening op 18 maart 2026 behandeld en wijst deze af omdat de bodemzaken inmiddels zijn behandeld en een voorlopige voorziening niet langer nodig is. De rechtbank oordeelt dat de minister terecht mocht uitgaan van de internationale beschermingsstatus in Spanje, maar dat in de besluitvorming onvoldoende rekening is gehouden met de belangen van het minderjarige kind.
Hoewel de verzoeken om voorlopige voorziening worden afgewezen, veroordeelt de voorzieningenrechter de minister tot betaling van proceskosten aan verzoekers, vastgesteld op € 934,-. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Verzoeken om voorlopige voorziening worden afgewezen, minister veroordeeld tot betaling van proceskosten.