Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen
[eiseres 1] ,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder (hierna: de minister).
Procesverloop
J.M. van Schaik als tolk in de Spaanse taal. De minister is, met bericht, niet verschenen.
Zij vreest voor gewapende groeperingen [naam 1] [1] en de [naam 2] . De stiefvader van eiseres 1 was lid van de vakbond [naam 3] . Hij was in het bezit van een zwarte lijst met namen van mensen die vermoord moesten worden. Hij informeerde deze mensen en hielp ze daarmee te vluchten. Op 17 september 1999, toen eiseres 1 met haar moeder en stiefvader in Antiqouia woonde, zijn twee mannen naar hun huis gekomen en hebben zij voor hun huis een bomaanslag gepleegd, waarbij de moeder van eiseres 1 om het leven is gekomen. In 2007 heeft ze op advies van de familie aangifte gedaan van de moord op haar moeder. In 2011 en op 10 december 2021 is eiseres 1 weer bedreigd. Eiseres 1 heeft verder verteld dat zij en haar man, toen zij een hotel runden in de gemeente [plaats] , werden afgeperst.
- identiteit, nationaliteit en herkomst;
- problemen met gewapende groeperingen.
4.1. De rechtbank is van oordeel dat eiseres 1 consistent en gedetailleerd heeft verklaard over de bedreigingen en de relatie tot de werkzaamheden van haar stiefvader. Dit blijkt onder meer uit de verklaringen uit het nader gehoor. Eiseres 1 heeft onder meer verklaard dat zij vreest voor de leden van paramilitaire groepering [naam 2] . En verder:
“Mijn zus was nog heel klein toen het gebeurde en zij viel onder verantwoordelijkheid van een tante, een zus van mijn vader. Op het moment dat ik aangifte deed kwamen ze achter mijn verblijfsplaats en omdat familieleden zich over mijn zus hebben ontfermd, bleef zij op grotere afstand.” [4]
“Ik heb al lange tijd geen contact met zijn kinderen. Dus ik weet niet of zij iets van een verklaring hebben afgelegd. Ik weet niks van hen.” [5] De minister heeft op de verwijzing van eiseres 1 naar deze verklaringen van haar niet gereageerd. Deze tegenwerping van de minister in het bestreden besluit kan daarom niet zonder meer standhouden.
8 augustus 2025. Zij verklaart dat op die datum mannen naar het huis van haar zus en haar gezin zijn gekomen en het huis in brand hebben gestoken. Eerder waren ook mannen naar de woning gekomen om naar eiseres 1 te vragen, maar zij was er toen niet. De zus van eiseres is vervolgens naar het Openbaar Ministerie gegaan om aangifte te doen, maar de functionaris die haar te woord stond heeft haar laten weten dat hij de aangifte niet wilde opnemen. Eiseres 1 verklaart verder dat [naam 1] in de loop van de jaren heeft getracht om haar verblijfplaats te achterhalen, reden waarom zij steeds verhuisd is van de ene stad naar de andere stad. Ze verklaart verder dat ze jaren geleden ook heeft getracht om aangifte te doen bij het Parket van Medellín en dat toen werd geweigerd de aangifte op te nemen, zonder enig rechtsgeldig argument of enige rechtvaardiging.
Conclusie in alle zaken
€ 3.736,-, omdat de gemachtigde van eisers voor iedere eiser een beroepschrift heeft ingediend tegen een apart besluit en aan de zitting heeft deelgenomen. Verder zijn er geen kosten gemaakt die vergoed kunnen worden.