ECLI:NL:RBDHA:2026:9770
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake vervallen Nederlanderschap en paspoort
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen het besluit dat zijn Nederlandse paspoort van rechtswege is vervallen vanwege het verlies van het Nederlanderschap van zijn moeder door naturalisatie in het buitenland.
De voorzieningenrechter oordeelt dat verzoeker geen spoedeisend belang heeft omdat hij nog beschikt over de nationaliteit en het paspoort van het land waar hij woont, en hij onvoldoende heeft onderbouwd dat hij op korte termijn problemen zal ondervinden of medische stress ervaart.
Daarnaast is het besluit niet evident onrechtmatig omdat de complexe rechtsvraag omtrent het verlies van het Nederlanderschap van de moeder zich niet leent voor een voorlopige voorziening en nader onderzoek in de bezwaarprocedure vereist is.
Daarom wordt het verzoek niet-ontvankelijk verklaard en afgewezen zonder zitting. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang en omdat het besluit niet evident onrechtmatig is.