Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 23 april 2026 in de zaak tussen
[eiseres] B.V., uit [vestigingsplaats], eiseres,
het college van burgemeester en wethouders van Zuidplas, het college,
Samenvatting
Inleiding
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
“Opslag en overslag van materialen, beplantingsmateriaal, stalling van materieel, machines etc.”. De aanvraag vermeldt verder:
“(…) De op te richten schuur is bedoeld voor op- en overslag van materialen, beplantingsmateriaal, alsmede voor de stalling van materieel en machines en dergelijke. Zoals het college bekend is, houdt [eiseres] B.V. zich sinds 1990 (onder andere) op deze locatie bezig met onder meer het verhuren van machines en het aannemen en uitvoeren van werk op het gebied van de groenvoorziening en in de agrarische en cultuurtechnische sector. [eiseres] B.V. wenst een bestaande schuur op het perceel, met een oppervlakte van 258 m2, vervangen door een schuur van 400 m2.”
“De achterliggende - in eigendom zijnde - landbouwgronden zijn bestemd en op grond van provinciale- en regionale beleidsstukken beoogd om in te worden gericht als ‘natuur’. Initiatiefnemer beoogt tezamen met de (her-)inrichting van het plangebied te voorzien in de aanleg van natuurelementen op dit landbouwperceel. Op deze wijze beoogt initiatiefnemer ook te voorzien in het bieden van recreatieve-toeristisch georiënteerde activiteiten bij de woning, te denken valt aan een rustpunt voor fietser / wandelaars een bed & breakfast c.q. ‘kamperen bij de boer’, etcetera, i.c.m. voorzieningen om een wandeling te maken door het in te richten gebied. Voormelde activiteiten (kantoor, opslag, toeristische-/ recreatief gebruik/voorzieningen, e.d.) leidden ertoe dat een bebouwing van circa 400 m2 benodigd is, in een stijl welke past bij de woning, maar ook een landelijke-, landschappelijke- en ruimtelijke uitstraling heeft, binnen het plangebied.”