Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 13 april 2026 in de zaak tussen
[eiser], v-nummer: [nummer], eiser
de minister van Asiel en Migratie,
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
en/ofjuridische adviseur of andere raadsman op de hoogte dient te worden gesteld dat er een nader verhoor wordt gehouden en dat de minderjarige wordt voorbereid op dit gehoor, wat in dit geval (onbetwist) is gebeurd. Uit deze bepaling volgt derhalve niet dat iedere bij eiser betrokken partij, waaronder Nidos, dient te worden geïnformeerd. De rechtbank is voorts van oordeel dat de minister zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat hij ook niet op grond van artikel 22 van Pro het IVRK (verder uitgewerkt in General Comment nr. 6) verplicht is om Nidos uit te nodigen voor het nader verhoor. Deze bepalingen werken niet rechtstreeks, nu ze te algemeen zijn geformuleerd.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
mr.F.E. Brokke, griffier.