Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser,
de minister van Asiel en Migratie.
Inleiding
10 oktober 2023.
Rechtbank Den Haag
Op 22 januari 2026 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in de zaak van een eiser die beroep had ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door de minister van Asiel en Migratie op zijn asielaanvraag, ingediend op 10 oktober 2023. De eiser had op 15 juli 2025 en opnieuw op 18 september 2025 beroep ingesteld, omdat de minister niet binnen de wettelijke termijn had beslist. De rechtbank heeft partijen geïnformeerd dat een zitting niet nodig was en heeft het beroep zonder zitting behandeld.
De rechtbank heeft ambtshalve beoordeeld of de eiser procesbelang had bij de beoordeling van zijn beroep. Gezien het feit dat de rechtbank op 8 januari 2026 al had beslist op het eerdere beroep van de eiser van 15 juli 2025, waarbij de minister was opgedragen om binnen acht weken een besluit te nemen en een dwangsom was opgelegd, concludeerde de rechtbank dat er geen belang meer was bij de beoordeling van het onderhavige beroep.
Daarom heeft de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk verklaard en is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, in aanwezigheid van griffier K.D.M. Nijholt, en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.