ECLI:NL:RBDHA:2026:9061
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te vroege ingebrekestelling bij asielaanvraag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen door de minister op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister ontving de aanvraag op 5 augustus 2025 en moest binnen zes maanden beslissen. Eiser stuurde op 4 februari 2026 een ingebrekestelling, maar de beslistermijn was toen nog niet verstreken.
Volgens de Algemene wet bestuursrecht moet een ingebrekestelling pas worden gedaan nadat de beslistermijn is verstreken, waarna binnen twee weken alsnog een besluit moet volgen. Pas daarna kan beroep worden ingesteld. Omdat eiser de ingebrekestelling te vroeg heeft ingediend, is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk.
De rechtbank vond het niet nodig partijen uit te nodigen voor een zitting en wees het beroep af zonder proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door rechter Schaaf en griffier Van Eerden op 10 april 2026.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroege ingebrekestelling.