ECLI:NL:RBDHA:2026:9044
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging asielbesluit wegens onterecht ongeloofwaardige identiteit van asielzoeker
Eiser, een Algerijnse asielzoeker, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel, welke door de minister op 20 november 2025 werd afgewezen wegens ongeloofwaardigheid van zijn identiteit en asielrelaas. Eiser vluchtte uit Algerije vanwege bedreigingen en problemen met investeerders van zijn kledingwinkel.
De rechtbank oordeelt dat de minister ten onrechte de identiteit van eiser ongeloofwaardig heeft bevonden, met name omdat eiser een verschoonbare verklaring gaf voor het ontbreken van identiteitsdocumenten en geen wisselende verklaringen over zijn identiteit heeft afgelegd. De minister mocht echter wel aannemen dat het asielrelaas over de problemen met investeerders in grote lijnen ongeloofwaardig was, vanwege gebrek aan onderbouwing en inconsistenties.
De rechtbank vernietigt het asielbesluit, maar laat de rechtsgevolgen in stand, waardoor eiser geen asielvergunning krijgt. Tevens wordt de minister veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser. Het beroep is daarmee deels gegrond.
Uitkomst: Het asielbesluit wordt vernietigd wegens onterecht ongeloofwaardige identiteit, maar de rechtsgevolgen blijven in stand waardoor geen asielvergunning wordt verleend.