Eiseres heeft op 19 augustus 2025 een verzoek ingediend voor herbeoordeling van het recht van een (ex-)werkneemster op een WIA-uitkering. Nadat het UWV niet tijdig op dit verzoek had beslist, stelde eiseres op 2 februari 2026 beroep in wegens het uitblijven van een beslissing. De rechtbank constateert dat de beslistermijn is overschreden en dat het UWV sinds de ingebrekestelling op 30 oktober 2025 niet heeft beslist.
Het UWV gaf aan dat de overschrijding het gevolg is van drukte en een tekort aan verzekeringsartsen. De rechtbank erkent dit als een bijzonder geval en verwijst naar eerdere uitspraken waarin een termijn van zes weken voor de medische beoordeling en drie weken voor de besluitvorming is vastgesteld, met een maximum van negen weken na de uitspraakdatum.
De rechtbank legt het UWV op binnen deze termijn alsnog een besluit te nemen en stelt een dwangsom van €100 per dag vast bij overschrijding, met een maximum van €15.000. Tevens wordt het betaalde griffierecht en proceskosten aan eiseres vergoed. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is verzonden op 9 april 2026.