ECLI:NL:RBDHA:2026:8665
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Echtscheiding met zorgregeling, hoofdverblijfplaats en verdeling beperkte gemeenschap van goederen
Partijen zijn gehuwd sinds 2021 en hebben twee minderjarige kinderen. De rechtbank behandelt het verzoek tot echtscheiding met nevenvoorzieningen, waaronder de hoofdverblijfplaats van de kinderen, zorg- en omgangsregeling, kinderalimentatie, huurrecht van de echtelijke woning en verdeling van de beperkte gemeenschap van goederen.
De rechtbank stelt vast dat het huwelijk duurzaam is ontwricht en spreekt de echtscheiding uit. De hoofdverblijfplaats van de kinderen wordt bij de vrouw vastgesteld, met een zorgregeling waarbij de kinderen in de oneven weken van vrijdag 16.00 uur tot zondag 16.00 uur bij de man verblijven, inclusief een regeling voor vakanties en feestdagen. Een veiligheidsplan wordt besproken maar niet als voorwaarde in de zorgregeling opgenomen.
De man wordt huurder van de echtelijke woning. De beperkte gemeenschap van goederen wordt verdeeld waarbij de eenmanszaken aan respectievelijk man en vrouw worden toegedeeld, de inboedel en scooter aan de man, de auto aan de vrouw, en ieder zijn eigen bankrekeningen behoudt. Schulden aan het UWV worden gelijkelijk gedragen. De man betaalt kinderalimentatie van €25 per maand. Proceskosten worden ieder voor eigen rekening genomen.
Uitkomst: De rechtbank spreekt de echtscheiding uit, stelt de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij de vrouw vast, regelt de zorg- en omgangsregeling, kinderalimentatie, huurrecht en de verdeling van de beperkte gemeenschap van goederen inclusief schulden.