ECLI:NL:RBDHA:2026:8628
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen terugkeerbesluit minister
Verzoeker heeft tegen een terugkeerbesluit van de minister van Asiel en Migratie een voorlopige voorziening gevraagd. Dit verzoek is behandeld op 3 april 2026, waarbij verzoeker het latere beroep en verzoek heeft ingetrokken.
De voorzieningenrechter heeft op dezelfde dag als de uitspraak op het samenhangende beroep van verzoeker geoordeeld dat dit beroep ongegrond is. Hierdoor is een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af en ziet geen aanleiding voor een proceskostenvergoeding. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het samenhangende beroep ongegrond is verklaard.