Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , ook wel bekend als [naam] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Op 20 januari 2026 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in een zaak betreffende een vervolgberoep tegen de maatregel van bewaring van een Algerijnse eiser. De maatregel van bewaring was op 6 januari 2026 opgelegd door de minister van Asiel en Migratie. Eiser heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft op 16 januari 2026 het onderzoek gesloten zonder zitting, omdat zij zich voldoende voorgelicht achtte op basis van het digitale dossier. Eiser stelde dat verweerder onvoldoende voortvarend had gehandeld, aangezien zijn nationaliteit op 22 november 2025 was bevestigd, maar hij pas op 7 januari 2026 was gepresenteerd bij de Algerijnse ambassade. De rechtbank oordeelde dat de vertraging niet te wijten was aan de verweerder, aangezien eiser zelf had aangegeven gebruik te willen maken van de gelegenheid om gepresenteerd te worden. De rechtbank concludeerde dat de maatregel van bewaring niet onrechtmatig was en verklaarde het beroep ongegrond. Ook het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. De uitspraak is openbaar gemaakt en er staat geen rechtsmiddel open tegen deze beslissing.