De rechtbank Den Haag behandelde op 8 april 2026 een strafzaak tegen de verdachte wegens autodiefstal van twee Toyota RAV4 voertuigen in juli 2023. De verdachte werd beschuldigd van diefstal in vereniging met gebruik van valse sleutels.
De rechtbank sprak de verdachte vrij van de diefstal gepleegd op 8 juli 2023, omdat het bewijs onvoldoende was om zijn betrokkenheid wettig en overtuigend vast te stellen. De historische verkeersgegevens en andere bewijzen konden niet aantonen dat de verdachte daadwerkelijk betrokken was bij deze diefstal.
Voor de diefstal gepleegd in de nacht van 12 op 13 juli 2023 oordeelde de rechtbank dat de verdachte samen met medeverdachten de auto had weggenomen. Dit werd onderbouwd met onder meer ANPR-gegevens, camerabeelden, telefoongegevens en forensisch bewijs zoals een vingerafdruk. De verklaring van de verdachte werd als ongeloofwaardig verworpen.
De rechtbank veroordeelde de verdachte tot een taakstraf van 100 uur, lager dan gevorderd vanwege de vrijspraak en overschrijding van de redelijke termijn. Tevens werd de verdachte veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €2.697,05 aan de benadeelde partij, vermeerderd met wettelijke rente en een schadevergoedingsmaatregel opgelegd. De vordering van de tweede benadeelde partij werd afgewezen wegens vrijspraak van het feit.
De straf en maatregelen zijn gebaseerd op de ernst van het feit, eerdere veroordelingen van de verdachte en de maatschappelijke impact van autodiefstal.