ECLI:NL:RBDHA:2026:8032
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te vroege ingebrekestelling bij asielaanvraag Syrië
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank oordeelt dat voordat beroep kan worden ingesteld, een ingebrekestelling moet worden gedaan waarin het bestuursorgaan wordt verzocht binnen twee weken alsnog te beslissen.
De asielaanvraag van eiser werd op 7 oktober 2024 ontvangen. Door onderzoek in het kader van de Dublinverordening begon de beslistermijn pas op 7 december 2024 te lopen. Vanwege het besluitmoratorium voor Syrië, dat liep van 14 december 2024 tot 13 juni 2025, werd de beslistermijn verlengd met één jaar tot maximaal 21 maanden, waardoor de minister uiterlijk op 7 juni 2026 moest beslissen.
Eiser stelde de minister op 15 januari 2026 in gebreke, maar de beslistermijn was toen nog niet verstreken. Hierdoor is de ingebrekestelling te vroeg ingediend en is het beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en komt niet toe aan het vaststellen van een bestuurlijke dwangsom.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroege ingebrekestelling terwijl de beslistermijn nog niet was verstreken.