ECLI:NL:RBDHA:2026:791

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
15 januari 2026
Publicatiedatum
20 januari 2026
Zaaknummer
NL25.36232
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid van tweede beroep tegen terugkeerbesluit

De zaak betreft een bestuursrechtelijk geschil over een terugkeerbesluit van 11 juli 2025 opgelegd door de minister van Asiel en Migratie. Eiser heeft op 5 augustus 2025 een beroep ingesteld tegen dit besluit. De rechtbank stelt vast dat eiser reeds op 4 augustus 2025 een eerder beroep tegen hetzelfde besluit heeft ingediend en dat de rechtbank daarop al uitspraak heeft gedaan.

Gezien het feit dat het tweede beroep tegen hetzelfde besluit is ingesteld nadat het eerste beroep reeds is behandeld, verklaart de rechtbank het tweede beroep niet-ontvankelijk. Dit betekent dat het tweede beroep niet inhoudelijk wordt behandeld. De rechtbank bepaalt tevens dat verweerder geen proceskosten hoeft te betalen.

De uitspraak is gedaan door rechter M.L. Weerkamp op 15 januari 2026 te Middelburg en is openbaar gemaakt via een geanonimiseerde publicatie. Partijen wordt gewezen op de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak.

Uitkomst: Het tweede beroep tegen het terugkeerbesluit is niet-ontvankelijk verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.36232

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser

V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. E.R. Weegenaar),
en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder

(gemachtigde: mr. R.E. Thijssen).

Procesverloop

Bij besluit van 11 juli 2025 (het bestreden besluit) heeft verweerder aan eiser een terugkeerbesluit opgelegd.
Eiser heeft op 5 augustus 2025 tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. De rechtbank stelt vast dat eiser eerder op 4 augustus 2025 beroep heeft ingesteld tegen het besluit van 11 juli 2025 (kenmerk: NL25.35943).
2. Nu eiser twee keer een beroep heeft ingediend tegen het besluit van 11 juli 2025 en de rechtbank inmiddels uitspraak heeft gedaan op het eerst ingediende beroep, is het op 5 augustus 2025 ingestelde beroep kennelijk niet-ontvankelijk.
3. Verweerder hoeft geen proceskosten te betalen.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan op 15 januari 2026 door mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van mr. S.D.C.J. Verheezen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Informatie over verzet
Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.