Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:7735

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
2 april 2026
Publicatiedatum
3 april 2026
Zaaknummer
NL25.51829
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:75 AwbArt. 8:75a AwbBesluit proceskosten bestuursrecht
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Proceskostenvergoeding wegens niet tijdig beslissen op aanvraag machtiging tot verblijf

Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag van een machtiging tot verblijf voor zijn echtgenote en vier kinderen. Nadat verweerder alsnog een besluit nam, trok verzoeker het beroep in en verzocht om proceskostenvergoeding.

De rechtbank oordeelt dat verweerder door het niet tijdig beslissen geheel of gedeeltelijk aan verzoeker tegemoet is gekomen. Op grond van artikel 8:75a van de Awb kan de rechtbank in dat geval proceskosten toewijzen.

De rechtbank stelt de proceskosten vast op €467, gebaseerd op een puntensysteem uit het Besluit proceskosten bestuursrecht, met een lichte wegingsfactor vanwege de beperkte aard van het beroep. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van dit bedrag.

Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de minister tot betaling van €467 aan proceskosten wegens niet tijdig beslissen.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.51829

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[verzoeker] , verzoeker,

V-nummer: [V-nummer]
(gemachtigde: mr. M. Grigorjan),
en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder

(gemachtigde: mr. S. Leijtens).

Procesverloop

Verzoeker heeft op 23 oktober 2025 beroep ingesteld tegen het niet-tijdig beslissen op zijn aanvraag van 11 december 2024 om een machtiging tot verblijf in het kader van nareis voor zijn echtgenote en vier kinderen.
Op 25 maart 2026 heeft verweerder een besluit genomen op de aanvraag.
Verzoeker heeft het beroep ingetrokken en daarbij verzocht om verweerder te veroordelen tot vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb [1] uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. De veroordeling van een partij in de proceskosten is geregeld in de artikelen 8:75 en 8:75a van de Awb en nader uitgewerkt in het Bpb. [2] Als een beroep wordt ingetrokken, omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoet gekomen, kan de rechtbank op verzoek van de indiener dat bestuursorgaan bij afzonderlijke uitspraak veroordelen in de proceskosten. Dit is geregeld in artikel 8:75a van de Awb.
2. Nu verweerder niet binnen de hiervoor geldende termijn op de aanvraag van verzoeker heeft besloten en alsnog een besluit heeft genomen op deze aanvraag hangende een beroep tegen het niet tijdig beslissen, is verweerder geheel of gedeeltelijk aan verzoeker tegemoetgekomen.
3. Het verzoek wordt als kennelijk gegrond toegewezen. De rechtbank veroordeelt verweerder in de door verzoeker gemaakte proceskosten. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Bpb voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op
€ 467 (1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van
€ 934 met een wegingsfactor 0,5). De rechtbank is van oordeel dat de wegingsfactor ‘licht’ van toepassing is aangezien het beroep alleen ziet op het niet tijdig nemen van een besluit.

Beslissing

De rechtbank veroordeelt verweerder in de proceskosten van verzoeker tot een bedrag van
€ 467 (vierhonderdzevenenzestig euro).
Deze uitspraak is gedaan op 2 april 2026 door mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van mr. R. de Mul, griffier, openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op
www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Bent u het niet eens met deze uitspraak?
Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Algemene wet bestuursrecht.
2.Besluit proceskosten bestuursrecht.