Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
Procesverloop
Overwegingen
( ) Nee
( ) Nee
( ) Nee
( ) Nee
( ) € 200 per dag met een maximum van € 15.000.
( ) Nee
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag. De rechtbank oordeelt dat de beslistermijn, inclusief een eerder door de rechtbank gestelde nadere termijn, is overschreden. De rechtbank stelt vast dat de verlenging van de beslistermijn door verweerder onvoldoende is gemotiveerd en daarom niet rechtsgeldig is.
De rechtbank draagt verweerder op om binnen twee weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit te nemen. Bij overschrijding van deze termijn verbeurt verweerder een dwangsom van € 100 per dag met een maximum van € 15.000. Tevens worden proceskosten aan eiser toegekend.
De uitspraak is gebaseerd op diverse wettelijke bepalingen, waaronder artikel 31 van Pro de Procedurerichtlijn, artikel 42 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 en bepalingen uit de Algemene wet bestuursrecht. De rechtbank benadrukt dat bijzondere omstandigheden de overschrijding van de uiterste termijn rechtvaardigen, maar dat verweerder nu snel moet beslissen.
De rechtbank wijst erop dat indien verweerder niet binnen de gestelde termijn beslist, de dwangsom wordt opgelegd en dat eiser een verzetschrift kan indienen binnen zes weken na verzending van de uitspraak. De zaak is van licht gewicht, omdat het uitsluitend gaat om de vraag of de beslistermijn is overschreden en/of een dwangsom is verbeurd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en draagt de minister op binnen twee weken alsnog te beslissen onder dreiging van een dwangsom.