Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag. De rechtbank constateert dat de beslistermijn, inclusief een eerder door de rechtbank gestelde nadere termijn, is overschreden. De rechtbank oordeelt dat de verlenging van de beslistermijn door verweerder onvoldoende is gemotiveerd en derhalve niet rechtsgeldig is.
De rechtbank draagt verweerder op om binnen twee weken na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit te nemen. Tevens wordt een rechterlijke dwangsom van € 100 per dag met een maximum van € 15.000 opgelegd voor het geval verweerder niet binnen deze termijn beslist. Daarnaast worden proceskosten aan eiser toegekend.
De uitspraak is gedaan zonder zitting en is gebaseerd op de toepasselijke wettelijke bepalingen, waaronder de Vreemdelingenwet 2000 en de Algemene wet bestuursrecht. De rechtbank benadrukt dat bij overschrijding van de termijn een rechterlijke dwangsom kan worden opgelegd en dat de procedurekosten worden vergoed indien eiser rechtsbijstand heeft gehad.