Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
)
Rechtbank Den Haag
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis. De rechtbank had eerder het eerste beroep gegrond verklaard en verweerder opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met een mogelijke verlenging tot twintig weken bij nader onderzoek.
Verweerder heeft echter nagelaten binnen deze termijnen te beslissen, waarop eiser een tweede beroep instelde. De rechtbank verklaart dit beroep ontvankelijk en gegrond, en wijkt af van de standaard beslistermijn van twee weken vanwege een verzoek om uitstel door eiser om aanvullende informatie aan te leveren.
De rechtbank stelt een nieuwe beslistermijn van vier weken na 8 april 2026 vast, met een dwangsom van € 200 per dag bij overschrijding, en veroordeelt verweerder in de proceskosten van € 467. Hiermee wordt recht gedaan aan het belang van een zorgvuldige en tijdige besluitvorming.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en stelt een nieuwe beslistermijn van vier weken na herstel verzuim vast met een dwangsom bij overschrijding.