Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag. De rechtbank constateert dat de wettelijke beslistermijn van zes maanden, met een onrechtmatig verlengde termijn van negen maanden, is overschreden. De rechtbank oordeelt dat de minister onvoldoende heeft gemotiveerd waarom de beslistermijn verlengd mocht worden.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt het niet tijdig genomen besluit. De minister wordt opgedragen binnen twee weken na verzending van de uitspraak alsnog een besluit te nemen. Tevens wordt een rechterlijke dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000 opgelegd voor het geval de minister niet binnen deze termijn beslist.
Daarnaast worden proceskosten toegekend aan eiser ter hoogte van €467. De rechtbank wijst op de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak. De uitspraak is gedaan door rechter M.L. Weerkamp zonder zitting en openbaar gemaakt via een geanonimiseerde publicatie.