Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2026:6108

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
19 februari 2026
Publicatiedatum
22 maart 2026
Zaaknummer
C/09/696527 / FA RK 25-9688
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Wijziging hoofdverblijfplaats en zorgregeling bij co-ouderschap na scheiding

De rechtbank Den Haag behandelde op 19 februari 2026 een verzoek tot wijziging van de hoofdverblijfplaats en zorgregeling van twee minderjarige kinderen na het uiteengaan van hun ouders. De moeder verzocht onder meer om de hoofdverblijfplaats van beide kinderen bij haar te bepalen, een uitgebreide zorg- en vakantiesregeling vast te stellen, en vervangende toestemming voor inschrijving op een andere basisschool en paspoortaanvraag te verlenen.

De vader verzocht zelfstandig om een week-op-week-af zorgregeling en vervangende toestemming voor paspoortaanvraag. Partijen oefenden gezamenlijk gezag uit en de kinderen verbleven op dat moment bij de moeder. De rechtbank constateerde dat hoewel de communicatie tussen ouders verbeterd kan worden, dit geen reden is om het contact tussen vader en kinderen te beperken. De moeder had haar zorgen over de opvoedsituatie bij de vader onvoldoende onderbouwd.

De rechtbank stelde een co-ouderschapsregeling vast waarbij de kinderen in de oneven weken bij de moeder verblijven en in de even weken bij de vader, met wisseling via school op maandag. De hoofdverblijfplaats van het oudste kind werd bij de moeder vastgesteld en van het jongste bij de vader. De kinderen blijven naar hun huidige basisschool gaan, en de moeder kreeg geen vervangende toestemming voor inschrijving op een andere school. De vader kreeg vervangende toestemming voor het aanvragen van paspoorten. De vakantie- en feestdagen werden gelijk verdeeld volgens een gedetailleerde regeling. Partijen werden verwezen naar het traject Ouderschapsbemiddeling om hun communicatie te verbeteren.

Uitkomst: De rechtbank wijzigt de hoofdverblijfplaats van de kinderen, stelt een co-ouderschapsregeling met zorgregeling om de week vast en verleent vervangende toestemming paspoortaanvraag aan de vader, terwijl het verzoek tot schoolwissel wordt afgewezen.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige Kamer
Rekestnummer: FA RK 25-9688
Zaaknummer: C/09/696527
Datum beschikking: 19 februari 2026

Wijziging hoofdverblijfplaats en vervangende toestemming inschrijving school

Beschikking op het op 19 december 2025 ingekomen verzoek van:

[de moeder],

de moeder,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. N.T. Vogelaar te Maasdijk.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de vader],

de vader,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. A.G. de Jong te ’s-Gravenhage.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
  • het verzoekschrift van de moeder;
  • het bericht van 23 december 2025, met bijlagen, van de moeder;
  • het bericht van 15 januari 2025, met bijlage, van de moeder;
  • het bericht van 28 januari 2025, met bijlagen, van de moeder;
  • het verweerschrift tevens houdende zelfstandig verzoek van de vader;
  • het aanvullend verzoekschrift van de moeder.
Op 3 februari 2026 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de moeder met mr. C.A.L. Grünholz – waarnemend voor mr. N.T. Vogelaar –, de vader met zijn advocaat en [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming.

Verzoek en verweer

De moeder verzoekt:
- te bepalen dat de kinderen hun hoofdverblijfplaats hebben bij de moeder en op haar adres worden ingeschreven in de Basisregistratie Personen;
-
reguliere zorgregeling
primairgeen zorgregeling vast te stellen;
Subsidiaireen zorgregeling vast te stellen waarbij de kinderen om de week een weekend van vrijdag 14:00 uur tot zondag 17:00 uur bij de vader verblijven, waarbij de moeder kinderen bij de vader ophaalt;
verdeling van de vakantie- en feestdagen
primairgeen vakantieregeling vast te stellen, zodat gedurende de vakanties de reguliere zorgregeling doorloopt;
subsidiaireen vakantieregeling vast te stellen voor de vakanties die langer duren dan twee weken, zodat de kinderen in de even jaren de eerste vier weken van de zomervakantie bij de moeder verblijven en de laatste twee weken bij de vader. In de oneven jaren zullen de kinderen de eerste twee weken bij de vader verblijven en de laatste vier weken bij de moeder;
meer subsidiaireen vakantieregeling vast te stellen, waarbij de kinderen:
- in de herfstvakantie in de even jaren de eerste helft van de vakantie van vrijdag uit
school tot woensdag 17:00 uur bij de vader verblijven en de tweede helft van de
vakantie van woensdag 17:00 uur tot zondag 17:00 uur bij de moeder verblijven,
waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de even jaren Sinterklaas op 5 december bij de moeder vieren en in de oneven jaren bij de vader;
- in de kerstvakantie in de even jaren de eerste week van de vakantie van vrijdag uit
school tot de week erop zondag 17:00 uur bij de vader verblijven en de tweede helft
van de vakantie van zondag 17:00 uur tot zondag 17:00 uur bij de moeder,
waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de even jaren van kerstavond 17:00 uur tot eerste kerstdag 17:00 uur bij de vader
verblijven en van eerste kerstdag 17:00 uur tot 26 december 17:00 uur bij de moeder, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de even jaren van 31 december 17:00 uur tot 1 januari 17:00 uur bij de vader
verblijven, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de voorjaarsvakantie in de even jaren de eerste helft van de vakantie van zaterdag
17:00 uur tot woensdag 17:00 uur bij de vader verblijven en de tweede helft van de
vakantie van woensdag 17:00 uur tot zondag 17:00 uur bij de moeder, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de meivakantie in de even jaren de eerste week van de vakantie van zaterdag 17:00
uur tot woensdag 17:00 bij de moeder verblijven en de tweede helft van de vakantie
van woensdag 17:00 uur tot zondag 17:00 uur bij de vader, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de zomervakantie in de even jaren de eerste drie weken van de vakantie bij de
moeder verblijven en de laatste drie weken bij de vader, waarbij de regeling
in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- tijdens de overige feestdagen bij de ouder verblijven bij wie zij conform de reguliere
zorgregeling verblijven;
- tijdens Moederdag en Vaderdag bij de ouder verblijven bij wie zij conform de reguliere zorgregeling verblijven;
- tijdens de verjaardagen van de kinderen en partijen verblijven bij wie zij conform de
reguliere zorgregeling verblijven,
- in het kader van de vakantieregeling door die ouder bij wie ze op dat moment verblijven gebracht worden naar de andere ouder;
- aan de moeder vervangende toestemming te verlenen om de kinderen in te schrijven op de basisschool [basisschool 1];
- te bepalen dat partijen zullen deelnemen aan het traject Ouderschap Blijft;
- te bepalen dat voor zover de rechtbank gelet op de inhoud van dit verzoekschrift een raadsonderzoek geïndiceerd geacht, dit als zodanig te gelasten en in afwachting van dit onderzoek elke omgang met de vader op te schorten,
een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.
De vader voert verweer, welk verweer hierna – voor zover nodig – zal worden besproken. Daarnaast verzoekt de vader zelfstandig:
- de hoofdverblijfplaats van [minderjarige 1] bij de moeder te bepalen de hoofdverblijfplaats van [minderjarige 2] bij de vader te bepalen;
- te bepalen dat de kinderen naar hun huidige basisschool [basisschool 2] zullen blijven gaan;
- een zorgregeling vast te stellen waarbij de kinderen in de oneven weken bij de moeder en in de even weken bij de vader verblijven, waarbij de ene ouder de kinderen op maandag naar school brengt en de andere ouder de kinderen op maandag van school/BSO ophaalt;
- een vakantie vast te stellen, waarbij de kinderen:
- in herfstvakantie in de even jaren de eerste helft van de vakantie van vrijdag uit school tot woensdag 13.00 uur bij de vader verblijven en de tweede helft van de vakantie van woensdag 13.00 uur tot maandag naar school bij de moeder, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de even jaren Sinterklaas op 5 december bij de vader vieren en in de oneven jaren bij de moeder;
- in de Kerstvakantie in de even jaren de eerste week van de vakantie van vrijdag uit school tot de week erop zondag 13.00 uur bij de vader verblijven en de tweede helft van de vakantie van zondag 13.00 uur tot maandag naar school bij de moeder, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- tijdens de Kerstdagen in de even jaren van 24 december om 15.00 uur tot Tweede Kerstdag 12.00 uur bij de vader zijn en van Tweede Kerstdag 12.00 tot 27 december 12.00 uur bij de moeder zijn, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in voorjaarsvakantie in de even jaren de eerste helft van de vakantie van vrijdag uit school tot woensdag 13.00 uur bij de vader verblijven en de tweede helft van de vakantie van woensdag 13.00 uur tot maandag naar school bij de moeder, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de meivakantie in de even jaren de eerste week van de vakantie van vrijdag uit school tot de week erop zondag 13.00 uur bij de vader verblijven en de tweede helft van de vakantie van zondag 13.00 uur tot maandag naar school bij de moeder, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de zomervakantie in de even jaren de kinderen de eerste drie weken bij de vader verblijven en in de laatste drie weken bij de moeder, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- tijdens de overige feestdagen bij de ouder verblijven bij wie zij conform de reguliere zorgregeling verblijven;
- afwisselend per kind en per jaar hun verjaardag bij de andere ouder vieren, zodat de verjaardagen bij helfte zijn gedeeld;
- op Vaderdag altijd bij de vader zijn en op Moederdag altijd bij de moeder;
- op de verjaardag van de vader altijd bij de vader zijn en op de verjaardag van de moeder bij de moeder;
- aan de vader vervangende toestemming te verlenen voor het aanvragen van een paspoort voor de kinderen,
een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.

Feiten

- Partijen hebben een affectieve relatie met elkaar gehad.
- Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:
- [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2019 te [geboorteplaats],
- [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2020 te [geboorteplaats].
- Partijen oefenen het gezamenlijk gezag over de kinderen uit.
- De kinderen verblijven op dit moment bij de moeder.
- De vrouw heeft uit een eerdere relatie nog een minderjarig kind:
- [minderjarige 3], geboren op [geboortedatum 3] 2014 te [geboorteplaats].
- Beide partijen hebben de Nederlandse nationaliteit.

Beoordeling

Ouderschapsbemiddeling
Beide partijen hebben op de zitting de bereidheid uitgesproken om deel te nemen aan het traject Ouderschapsbemiddeling om te gaan werken aan de verbetering van hun onderlinge communicatie. De rechtbank zal partijen in de gelegenheid stellen deel te nemen aan dit traject, zoals blijkt uit het proces-verbaal van doorverwijzing dat aan deze beschikking is gehecht. Zij kunnen gedurende de Ouderschapsbemiddeling proberen het verleden een plek te geven en te bespreken op welke wijze zij samen vorm willen geven aan het ouderschap.
Het proces-verbaal is reeds per e-mail verzonden naar Kenniscentrum Kind en Scheiding voor deelname aan voornoemd traject en aanmelding bij de betreffende uitvoerende hulpverleningsinstantie. De rechtbank zal een kennisgeving van deze beschikking per post zenden aan Kenniscentrum Kind en Scheiding.
Zorgregeling
Reguliere zorgregeling
Partijen zijn in mei 2025 uit elkaar gegaan. In een kort gedingprocedure van 20 augustus 2025 zijn partijen ten aanzien van het uitsluitend gebruik van de gezamenlijke woning overeengekomen dat de moeder de woning uiterlijk 1 januari 2026 zou verlaten. In november 2025 heeft de moeder een voorstel aan de vader gedaan, inhoudende dat de vader vanaf 1 januari 2026 tijdelijk de volledige zorg voor de kinderen op zou zich nemen totdat de moeder over een eigen woning zou beschikken. Dit voorstel heeft zij later ingetrokken, omdat bleek dat zij samen met de kinderen bij haar moeder terecht kon. Partijen hebben vervolgens uitvoering gegeven aan een zogenoemde birdnesting-regeling, waarbij de man de ene week van vrijdag 14:00 uur tot zondag 17:00 uur in de woning verbleef en de andere week op vrijdag van 14:00 uur tot 19:00 uur. De moeder stelt zich nu op het standpunt dat omgang met de vader op dit moment niet in het belang van de kinderen is. Hiertoe voert zij aan dat de communicatie tussen partijen niet goed verloopt. Dit leidt er toe dat de kinderen klem en verloren raken tussen partijen. Partijen dienen volgens de moeder eerst hun onderlinge communicatie en verhouding te verbeteren, voordat er tussen de vader en de kinderen omgang kan plaatsvinden. Daarnaast heeft de moeder zorgen over de opvoedsituatie bij de vader. Zo maakt zij zich onder andere zorgen over de manier van straffen van de vader. Ook heeft zij gemerkt dat de kinderen honger hebben wanneer zij bij de vader zijn geweest en de vader bovendien niet de nodige hygiëne van de kinderen waarborgt. Gelet op bovenstaande, dient er volgens de moeder geen zorgregeling te worden vastgesteld. Mocht de rechtbank daar anders over oordelen, dan verzoekt de moeder subsidiair een omgangsregeling vast te stellen waarbij de kinderen om het weekend bij de vader verblijven.
De vader betwist hetgeen de moeder aanvoert. Hij geeft aan dat partijen altijd de zorg voor de kinderen hebben gedeeld. Volgens de vader zijn partijen na het uiteengaan een co-ouderschapsregeling overeengekomen. Bovendien heeft de moeder zelf de vader verzocht om tijdelijk de volledige zorg voor de kinderen op zich te nemen, omdat zij op dat moment niet over een eigen woonruimte beschikte waar zij de kinderen kon ontvangen. De vader kan de zorgen van de moeder dan ook niet plaatsen en deze staan volgens hem dan ook haaks op de afspraken die partijen hebben gemaakt ten aanzien van co-ouderschap. Hoewel de vader erkent dat de communicatie tussen partijen verbeterd kan worden, is dit volgens hem geen reden om het contact tussen hem en de kinderen te beperken. De vader verzoekt dan ook een week-op-week-af regeling vast te stellen, waarbij het wisselmoment op maandag via school plaatsvindt.
De rechtbank overweegt als volgt. Uit de stukken blijkt dat partijen in augustus 2025 een birdnesting-regeling overeen zijn gekomen, waarbij partijen hebben afgesproken dat de moeder de gezamenlijke woning uiterlijk 1 januari 2026 zou verlaten. De moeder heeft vervolgens de vader verzocht om tijdelijk de volledige zorg over de kinderen op zich te nemen, omdat zij in beginsel niet zou beschikken over een woning waar zij de kinderen zou kunnen ontvangen. Daarna heeft de moeder zich op het standpunt gesteld dat omgang met de vader niet langer in het belang van de kinderen moet worden geacht. Zij heeft aangevoerd dat de communicatie tussen ouders zoveel te wensen overlaat, dat een op enigerlei wijze gedeeld ouderschap niet in het belang van de kinderen is. De rechtbank is het met de moeder eens dat de communicatie valt te verbeteren en spreekt haar waardering uit voor de bereidheid van de ouders om daar aan te werken. De rechtbank is echter ook van oordeel dat een gebrekkige communicatie nimmer een reden kan zijn voor het volledig verbreken van de relatie tussen de kinderen en hun vader. Ook als ouders niet met elkaar overweg kunnen, hebben de kinderen hen beiden nodig in hun leven. De moeder heeft verder aangevoerd dat de vader de kinderen te zwaar straft, onvoldoende (gezond) eten geeft en de hygiëne niet in acht neemt. De vader heeft dit alles betwist. De rechtbank is van oordeel dat het op de weg van de moeder had gelegen om haar stellingen op enigerlei wijze te onderbouwen. Zij heeft echter op geen enkele manier aangetoond dat de vader tot 1 januari 2026 nog zo goed voor de kinderen kon zorgen dat zij er vertrouwen in had dat de kinderen volledig bij hem zouden zijn, en daarna ineens zodanig slecht voor hen zorgt dat het niet in het belang van de kinderen is om omgang met hun vader te hebben. Op geen enkele manier is gebleken dat er zorgen zijn over de veiligheid van de kinderen bij de vader of dat de vader niet geschikt is om de zorg voor de kinderen met de moeder te delen. Het primaire verzoek van de moeder wordt dan ook afgewezen. De rechtbank ziet ook geen reden om de vader een beperkte rol in het leven van de kinderen te geven, waarbij zij slechts om het weekend bij hem verblijven. Ook het subsidiaire verzoek van de moeder wordt daarmee afgewezen. De rechtbank zal het verzoek van de vader toewijzen en bepalen dat de kinderen in de oneven weken bij de moeder zullen verblijven en in de even weken bij de vader, waarbij de ene ouder de kinderen op maandag naar school brengt en de andere ouder de kinderen op maandag van school/BSO ophaalt.
Verdeling van de vakantie- en feestdagen
Ten aanzien van de verdeling van de vakantie- en feestdagen zal de rechtbank grotendeels het meer subsidiaire verzoek van de moeder volgen. Nu de rechtbank – zoals eerder overwogen – een co-ouderschap zal vastleggen, acht de rechtbank het wenselijk om ook de vakantie- en feestdagen bij helfte te verdelen. De rechtbank zal in het hiernavolgende de verschillende vakantie- en feestdagen en andere bijzondere dagen bespreken waar zij afwijkt van het meer subsidiaire verzoek van de moeder. Voor de overige verdeling van de vakanties en feestdagen verwijst de rechtbank naar het dictum van deze beschikking.
- einde vakanties
De vakanties zullen eindigen op de eerste maandag dat de kinderen weer naar school gaan, waarbij vanaf dat moment de reguliere zorgregeling weer gevolgd wordt.
- Vader- en Moederdag
De rechtbank zal ten aanzien van Vader- en Moederdag bepalen dat de kinderen op Vaderdag bij de vader zijn en op Moederdag bij de moeder.
-
verjaardagen ouders
Ten aanzien van de verjaardagen van de ouders zal de rechtbank bepalen dat de kinderen op de verjaardag van de vader bij de vader zijn en op de verjaardag van de moeder bij de moeder.
-
verjaardagen kinderen
De rechtbank zal ten aanzien van de verjaardagen van de kinderen bepalen dat de kinderen op hun verjaardag in de even jaren bij de moeder zullen zijn en in de oneven jaren bij de vader.
- k
erst
Ten aanzien van kerst zal de rechtbank bepalen dat de kinderen in de even jaren op tweede kerstdag van 12:00 uur tot 26 december 17:00 uur bij de moeder zullen zijn, waarbij deze regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid.
Hoofdverblijfplaats
Omdat de rechtbank een co-ouderschapsregeling zal vaststellen, gaat het bij de bepaling van de hoofdverblijfplaats voornamelijk om een administratieve kwestie en om de financiële belangen. Vaststelling van de hoofdverblijfplaats bij de ene ouder doet niets af aan de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken en specifiek de zorg van de andere ouder voor de kinderen. De rechtbank acht het daarom redelijk om het verzoek van de vader toe te wijzen – onder gelijktijdige afwijzing van het verzoek van de moeder – en te bepalen dat [minderjarige 1] de hoofdverblijfplaats bij de moeder zal hebben en [minderjarige 2] bij de vader.
Vervangende toestemming inschrijving school
De rechtbank zal het verzoek van de moeder om vervangende toestemming voor inschrijving van de kinderen op een school in Den Haag afwijzen. De rechtbank acht rust en stabiliteit in het belang van de kinderen. Hierbij neemt de rechtbank in aanmerking dat het uiteengaan van partijen de nodige spanningen en veranderingen met zich mee heeft gebracht en nog steeds brengt. Om deze reden acht de rechtbank het in het belang van de kinderen dat zij naar hun vertrouwde school kunnen blijven gaan. Daarbij komt dat de moeder tijdelijk bij de oma (moederszijde) verblijft en het nog niet duidelijk is waar zij uiteindelijk een eigen woning zal vinden. Het verzoek van de moeder is naar het oordeel van de rechtbank dan ook prematuur. Immers, in het geval het de moeder niet lukt om een woonruimte in de gewenste omgeving te vinden, zullen de kinderen – wanneer zij nu naar een school in de buurt van de moeder zouden gaan – wellicht opnieuw van school moeten veranderen als de moeder elders een woning vindt. Dit acht de rechtbank niet wenselijk. Tot slot is gebleken dat het de moeder lukt om de kinderen vanaf haar tijdelijke verblijfplaats naar hun huidige school te brengen. De rechtbank gaat ervan uit dat de moeder hiertoe in staat blijft.
Vervangende toestemming paspoorten
Door de vader is verzocht om hem vervangende toestemming te verlenen voor het aanvragen van paspoorten ten behoeve van de kinderen. De moeder heeft op de zitting aangegeven hiervoor haar toestemming te verlenen. Partijen hebben hierbij afgesproken dat de moeder in beheer is van de identiteitskaarten van de kinderen en de vader van de (nog aan te vragen) paspoorten. In het geval de moeder met de kinderen een reis maakt waarvoor de paspoorten van de kinderen vereist zijn, zijn partijen overeengekomen dat zij de identiteitskaarten en de paspoorten zullen ruilen. Bij terugkomst zal de moeder de paspoorten teruggeven aan de vader en de vader de identiteitskaarten teruggeven aan de moeder.
Hoewel de moeder heeft ingestemd met het verzoek van de vader, zal de rechtbank zekerheidshalve vervangende toestemming verlenen voor de aanvraag van een paspoort ten behoeve van de kinderen voor het geval de moeder haar belofte niet nakomt.

Beslissing

De rechtbank:
*
stelt vast dat partijen, te weten:
[de moeder],
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
en
[de vader],
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
bij (aangehecht) proces-verbaal van doorverwijzing zijn verwezen naar het Kenniscentrum Kind en Scheiding voor deelname aan het hulpverleningstraject Ouderschapsbemiddeling, en voor aanmelding bij de uitvoerende hulpverleningsinstantie;
beveelt de griffier binnen twee dagen na heden een afschrift van de kennisgeving van deze beschikking te zenden naar Kenniscentrum Kind en Scheiding, Albertus de Oudelaan 1, 2273 CW Voorburg;
stelt vast dat partijen bij eindbeslissing zijn verwezen naar het hulpverleningstraject, zodat het niet nodig is dat de uitvoerende hulpverleningsinstantie de rechtbank (tussentijds) rapporteert over het verloop van voornoemd traject;
*
bepaalt dat de minderjarige [minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2019 te
[geboorteplaats] de hoofdverblijfplaats bij de moeder zal hebben, en de minderjarige [minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2020 te [geboorteplaats], bij de vader;
*
bepaalt dat de kinderen in de oneven weken bij de moeder zullen verblijven en in de even weken bij de vader, waarbij de ene ouder de kinderen op maandag naar school brengt en de andere ouder de kinderen op maandag van school/BSO ophaalt;
*
bepaalt ten aanzien van de vakantie- en feestdagen dat de kinderen:
- in de herfstvakantie in de even jaren de eerste helft van de vakantie van vrijdag uit
school tot woensdag 17:00 uur bij de vader verblijven en de tweede helft van de
vakantie van woensdag 17:00 uur tot maandag naar school bij de moeder verblijven, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de even jaren Sinterklaas op 5 december bij de moeder vieren en in de oneven jaren bij de vader;
- in de kerstvakantie in de even jaren de eerste week van de vakantie van vrijdag uit
school tot de week erop zondag 17:00 uur bij de vader verblijven en de tweede helft
van de vakantie van zondag 17:00 uur tot maandag naar school bij de moeder, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de even jaren op tweede kerstdag van 12:00 uur tot 26 december 17:00 uur bij de moeder zullen zijn, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de even jaren van 31 december 17:00 uur tot 1 januari 17:00 uur bij de vader
verblijven, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de voorjaarsvakantie in de even jaren de eerste helft van de vakantie van zaterdag
17:00 uur tot woensdag 17:00 uur bij de vader verblijven en de tweede helft van de
vakantie van woensdag 17:00 uur tot maandag naar school bij de moeder, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de meivakantie in de even jaren de eerste week van de vakantie van zaterdag 17:00
uur tot woensdag 17:00 bij de moeder verblijven en de tweede helft van de vakantie
van woensdag 17:00 uur tot maandag naar school bij de vader, waarbij de regeling in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- in de zomervakantie in de even jaren de eerste drie weken van de vakantie bij de
moeder verblijven en de laatste drie weken bij de vader, waarbij de regeling
in de oneven jaren wordt omgedraaid;
- op Vaderdag bij de vader verblijven en op Moederdag bij de moeder;
- op de verjaardag van de vader bij de vader verblijven en op de verjaardag van de moeder bij de moeder;
- op hun verjaardag in de even jaren bij de moeder verblijven en in de oneven jaren bij de vader;
- tijdens de overige feestdagen bij de ouder verblijven bij wie zij conform de reguliere zorgregeling verblijven,
waarbij geldt dat de ouder bij wie de kinderen verblijven verantwoordelijk is voor het brengen naar de andere ouder indien de wissel niet via school verloopt;
*
verleent toestemming aan de vader – welke de toestemming van de moeder vervangt – ten behoeve van de aanvraag van een paspoort voor de kinderen;
*
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
*
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. C. Witteman, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. A.J.A. Olthoff als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 19 februari 2026.