ECLI:NL:RBDHA:2026:5874
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank beveelt UWV tot tijdige beslissing op bezwaar in medische uitkeringszaak
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiser beroep ingesteld tegen het uitblijven van een beslissing op bezwaar tegen het besluit van het UWV om per 1 maart 2025 de Ziektewet-uitkering te beëindigen. De rechtbank constateert dat het UWV de beslistermijn heeft overschreden en dat het beroep gegrond is.
De rechtbank overweegt dat in medische zaken waarbij een verzekeringsarts een beoordeling moet verrichten, sprake is van een bijzonder geval. Daarom geldt een termijn van zes weken voor de medische beoordeling en drie weken voor het nemen van een besluit, met een maximum van negen weken na verzending van de uitspraak. In dit geval is een hoorzitting met de verzekeringsarts gepland op 11 februari 2026, waarna het UWV binnen drie weken een besluit moet nemen.
Gezien de verstreken tijd bepaalt de rechtbank dat het UWV binnen twee weken na verzending van deze uitspraak alsnog een beslissing op bezwaar moet nemen. Tevens wordt een dwangsom van € 100,- per dag met een maximum van € 15.000,- opgelegd voor elke dag dat het UWV de termijn overschrijdt. Het UWV wordt ook veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld om binnen twee weken een beslissing op bezwaar te nemen en een dwangsom te betalen bij overschrijding.