ECLI:NL:RBDHA:2026:5866
Rechtbank Den Haag
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Betalingsvordering advocaat tegen Levea B.V. wegens onbetaalde facturen
In deze zaak vordert de advocaat van [eiser] betaling van twee facturen uit april en mei 2025 ter hoogte van €32.239,38 voor juridische werkzaamheden verricht voor Levea Bouw B.V., een dochteronderneming van Levea B.V. De rechtbank stelt vast dat de werkzaamheden zijn verricht en dat Levea B.V. de facturen onbetwist heeft ontvangen en eerder soortgelijke facturen heeft betaald.
Levea B.V. betwist de vordering met het argument dat de kosten bij Levea Bouw B.V. in rekening moeten worden gebracht, maar de rechtbank gaat hier niet in mee. De rechtbank oordeelt dat uit eerdere betalingen en bevestigingen, waaronder een WhatsApp-bericht, blijkt dat Levea B.V. de kosten voor Levea Bouw B.V. zou betalen.
De rechtbank wijst de vordering toe, inclusief de wettelijke handelsrente vanaf de vervaldatum van de facturen, de buitengerechtelijke incassokosten van €1.097,39 en de proceskosten van €4.978,35. Tevens verklaart de rechtbank het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Levea B.V. wordt veroordeeld tot betaling van de openstaande facturen, wettelijke rente, incassokosten en proceskosten.