ECLI:NL:RBDHA:2026:5524
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingediend tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag na Dublin-beslissing
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 12 september 2024. De minister moest volgens artikel 42 van Pro de Vreemdelingenwet binnen zes maanden na ontvangst van de aanvraag een beslissing nemen. Na een Dublin-claim werd op 10 juli 2025 vastgesteld dat Nederland verantwoordelijk was voor de behandeling van de aanvraag, waarna de beslistermijn van zes maanden aanving.
De rechtbank constateert dat de beslistermijn op 10 juli 2025 begon en op 10 januari 2026 zou verstrijken. Het beroep van eiser, ingediend op 11 december 2025, was daarmee prematuur. Hierdoor voldoet het beroep niet aan de vereisten van artikel 6:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) voor een beroep tegen het niet tijdig beslissen.
De rechtbank verklaart het beroep daarom niet-ontvankelijk en wijst een proceskostenveroordeling af. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Eiser wordt gewezen op de mogelijkheid tot het indienen van een verzetschrift binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur indienen.