Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen
[eiser], V-nummer: [v-nummer], eiser/verzoeker (hierna: eiser)
de minister van Asiel en Migratie,
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
. [4]
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Marokkaanse man geboren in 1992, vroeg asiel aan in Nederland op grond van zijn homoseksuele gerichtheid en de daaruit voortvloeiende problemen bij terugkeer naar Marokko. De minister van Asiel en Migratie wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, omdat eiser geen geloofwaardige identiteit kon aantonen en zijn seksuele gerichtheid onvoldoende aannemelijk maakte.
De rechtbank behandelde het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening. De rechtbank oordeelde dat eiser tegenstrijdige verklaringen gaf over zijn identiteitsdocumenten en het contact met de ambassade, en dat hij onvoldoende inzicht gaf in zijn seksuele gerichtheid, ondanks meerdere verzoeken om toelichting. Ook werd meegewogen dat eiser zijn eerdere asielaanvraag had ingetrokken en pas laat zijn huidige aanvraag indiende.
De rechtbank vond dat verweerder voldoende had gemotiveerd dat er geen sprake was van een reëel risico op schending van artikel 3 EVRM Pro bij terugkeer naar Marokko. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.