ECLI:NL:RBDHA:2026:408

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
12 januari 2026
Publicatiedatum
12 januari 2026
Zaaknummer
NL25.42474
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid van beroep inzake asielaanvraag door tijdsoverschrijding van de minister

In deze uitspraak van de Rechtbank Den Haag, gedateerd 12 januari 2026, wordt het beroep van eiseres behandeld dat is ingediend op 3 september 2025. Eiseres, vertegenwoordigd door haar gemachtigde mr. F. Boone, heeft beroep aangetekend tegen het niet tijdig beslissen door de minister van Asiel en Migratie op haar asielaanvraag, die op 30 oktober 2023 was ingediend. De rechtbank heeft besloten geen zitting te houden, omdat partijen geen verzoek hebben ingediend om dit te doen. Hierdoor heeft de rechtbank het beroep zonder zitting behandeld en het onderzoek gesloten.

De rechtbank heeft ambtshalve beoordeeld of eiseres procesbelang heeft bij de beoordeling van het beroep. Het oordeel van de rechtbank is dat dit procesbelang ontbreekt. Eiseres had eerder op 14 juli 2025 al beroep ingesteld wegens het niet tijdig beslissen op haar aanvraag (zaaknummer NL25.31290). De rechtbank heeft op 8 januari 2026 uitspraak gedaan op dit eerste beroep en het gegrond verklaard, waarbij de minister is opgedragen om binnen vier weken na bekendmaking van die uitspraak alsnog een besluit op de aanvraag te nemen.

Aangezien de rechtbank niet twee keer kan beslissen op een beroep dat gericht is tegen hetzelfde niet tijdig nemen van een besluit, heeft eiseres geen belang bij het onderhavige beroep. De rechtbank concludeert dat het beroep van eiseres tegen het niet tijdig nemen van een besluit niet-ontvankelijk is verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is openbaar gemaakt en kan worden ingezien op rechtspraak.nl.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: NL25.42474

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam], eiseres,

V-nummer: [nummer],
(gemachtigde: mr. F. Boone),
en

de minister van Asiel en Migratie.

Inleiding

1. Deze uitspraak gaat over het beroep van 3 september 2025 dat eiseres heeft ingediend omdat de minister niet op tijd zou hebben beslist op de asielaanvraag van
30 oktober 2023.
1.1
De rechtbank heeft partijen laten weten dat zij een zitting niet nodig vindt en heeft
gevraagd of partijen het daarmee eens zijn. Partijen hebben daarna niet om een zitting gevraagd. De rechtbank heeft het beroep daarom niet op zitting behandeld en sluit hierbij het onderzoek. [1]

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank dient ambtshalve te beoordelen of eiser procesbelang heeft bij een beoordeling van dit beroep. Naar het oordeel van de rechtbank ontbreekt dit procesbelang.
3. Eiseres heeft op 14 juli 2025 beroep ingesteld wegens het niet tijdig beslissen op haar aanvraag (NL25.31290). Vervolgens heeft zij op 3 september 2025 onderhavig beroep ingesteld. Deze rechtbank heeft op 8 januari 2026 uitspraak gedaan op het eerste beroep en dat gegrond verklaard. Voor zover hier van belang, is de minister opgedragen om binnen vier weken na de dag van het bekendmaken van die uitspraak alsnog een besluit op de aanvraag bekend te maken.
4. Aangezien de rechtbank niet twee keer kan beslissen op een beroep gericht tegen hetzelfde niet tijdig nemen van een besluit dat hetzelfde doel dient, namelijk het verzoek tot het opleggen van een beslistermijn aan de minister, heeft eiseres geen belang bij het onderhavige beroep.

Conclusie en gevolgen

5. Gelet op het voorgaande is het onderhavige beroep van eiseres tegen het niet tijdig nemen van een besluit niet-ontvankelijk.
6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. A.G.D. Overmars, rechter, in aanwezigheid van
A.S. van der Veen, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
Deze uitspraak is bekendgemaakt op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een beroepschrift. U moet dit beroepschrift indienen binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven.

Voetnoten

1.Artikel 8:57, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).