ECLI:NL:RBDHA:2026:3802
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet-ontvankelijkheid asielaanvraag wegens onvoldoende motivering veilig derde land
Eiser vluchtte in 2018 uit Oezbekistan en verbleef daarna in Engeland op basis van een valse identiteit. Hij diende in 2022 in Nederland een asielaanvraag in. De minister verklaarde deze aanvraag niet-ontvankelijk omdat eiser naar Engeland kan terugkeren, een veilig derde land. De rechtbank oordeelt dat de minister onvoldoende heeft gemotiveerd dat eiser daadwerkelijk toegang tot Engeland krijgt, mede door complicaties zoals het verlopen identiteitsbewijs, gewijzigde gezinssituatie en Brexit.
De minister stelde dat eiser een band met Engeland heeft vanwege zijn eerdere verblijf, gezin en verblijfsrecht, en dat hij via toeristenvisum of erkenning van zijn zoon toegang kan krijgen. De rechtbank vindt deze algemene stellingen onvoldoende onderbouwd en constateert dat de minister niet is ingegaan op de specifieke omstandigheden van eiser.
De rechtbank concludeert dat het bestreden besluit in strijd is met het motiverings- en zorgvuldigheidsbeginsel en vernietigt het besluit. De minister wordt opgedragen binnen zes weken een nieuw besluit te nemen met een concrete motivering over toelating tot Engeland en de band van eiser met dat land. Eiser krijgt een proceskostenvergoeding van €2.335,-.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering over toelating tot Engeland als veilig derde land en de minister wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.