Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
Albert Heijn B.V.,
- [partij A] in persoon, bijgestaan door mr. A. Cav;
- [naam 1] en [naam 2] namens Albert Heijn, bijgestaan door mr. R.M. Taal en mr. E.B. Hoebens.
1.Gronden van de beslissing
144,00
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
De werknemer was sinds juni 2019 in dienst bij Albert Heijn als shiftleider. Op 1 september 2025 werd hij op staande voet ontslagen omdat hij meerdere keren zonder toestemming producten had genuttigd zonder daarvoor te betalen. De werknemer erkende dit, maar stelde dat er een afwijkende afspraak bestond met een voormalige manager waardoor hij gerechtigd zou zijn geweest tot een maaltijdvergoeding tijdens de avondshift.
De kantonrechter oordeelde dat het zerotolerancebeleid duidelijk was gecommuniceerd aan alle werknemers, waaronder de werknemer in een leidinggevende functie. De vermeende afwijkende afspraak kon niet worden vastgesteld omdat de betreffende manager haar verklaring had ingetrokken. Zelfs als die afspraak had bestaan, had de werknemer dit moeten verifiëren bij zijn huidige leidinggevende.
Het ontslag werd als rechtsgeldig beoordeeld omdat er sprake was van een dringende reden, het ontslag onverwijld was gegeven en bevestigd per brief. De kantonrechter vond het ontslag proportioneel, mede omdat de werknemer slechts tien uur per week werkte en vermoedelijk niet volledig afhankelijk was van dit inkomen. De verzoeken van de werknemer werden afgewezen en hij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet van de werknemer wegens het zonder betaling nuttigen van producten is rechtsgeldig verklaard en het verzoek tot vernietiging afgewezen.