De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling tot machtiging voor uithuisplaatsing van een minderjarige met complexe problematiek. De kinderrechter had eerder de ondertoezichtstelling verlengd en een machtiging voor gesloten plaatsing verleend tot 2 maart 2026.
De gecertificeerde instelling verzoekt nu een trajectmachtiging voor een gesloten accommodatie van één maand, gevolgd door een machtiging voor plaatsing in een open accommodatie van een jeugdhulpaanbieder tot 2 december 2026. Dit is noodzakelijk vanwege de complexe problematiek van de minderjarige, die behoefte heeft aan een rustige, gestructureerde omgeving met vaste begeleiders.
De zitting vond plaats met gesloten deuren, waarbij de minderjarige, zijn advocaat, gedragswetenschapper en pedagogisch medewerker aanwezig waren. De moeder was niet aanwezig maar correct opgeroepen. De gedragswetenschapper en pedagogisch medewerker onderschrijven het verzoek en benadrukken dat de huidige plaatsing niet langer passend is.
De kinderrechter oordeelt dat de gesloten plaatsing noodzakelijk en geschikt is om de minderjarige te beschermen en de jeugdhulp te waarborgen. De trajectmachtiging wordt toegewezen met een maximale duur van één maand voor de gesloten plaatsing, waarna de open plaatsing volgt. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en hoger beroep is mogelijk binnen drie maanden.