ECLI:NL:RBDHA:2026:3610
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid opvolgende asielaanvraag bevestigd ondanks procedureel gebrek
Eiser diende op 8 oktober 2025 een opvolgende asielaanvraag in, die op 22 oktober 2025 door verweerder niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het ontbreken van relevante nieuwe elementen. Eerder was de eerste asielaanvraag van eiser op 19 mei 2025 kennelijk ongegrond verklaard en deze beslissing was in hoger beroep bevestigd.
De rechtbank constateert dat verweerder het bestreden besluit nam voordat de termijn voor het indienen van een zienswijze was verstreken, wat een procedureel gebrek oplevert. Dit gebrek leidt tot vernietiging van het besluit. Echter, de rechtbank oordeelt dat eiser waarschijnlijk geen andere zienswijze had ingediend die tot een ander resultaat had geleid.
Inhoudelijk beoordeelt de rechtbank dat hoewel er sprake is van nieuwe elementen, deze niet relevant zijn voor de beoordeling van de aanvraag. De video die eiser aanvoert is niet overlegd, laat staan objectief verifieerbaar, en de houding van eiser wekt geen oprechte behoefte aan bescherming.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het besluit, maar laat de rechtsgevolgen in stand. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het besluit tot niet-ontvankelijkheid wordt vernietigd wegens procedureel gebrek, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.