ECLI:NL:RBDHA:2026:3041
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling maatregel verlaging bijstandsuitkering wegens verwijtbaar ontslag
Eiser, die vijf jaar bij dezelfde werkgever had gewerkt, werd op 27 januari 2023 ontslagen en ontving vanaf 25 april 2023 een bijstandsuitkering. Het college van burgemeester en wethouders van Delft legde hem een maatregel op van 50% verlaging van zijn bijstandsuitkering over de periode van 25 april tot 24 mei 2023, omdat hij verwijtbaar algemeen geaccepteerde arbeid had verloren.
Eiser voerde aan dat hij niet op de hoogte was van het ontslag en ziek was, en dat hij de ontslagbrief niet had ontvangen. Hij stelde ook dat hij over het ontslag had geprocedeerd wat tot een schikking had geleid. De rechtbank weigerde echter het alsnog overleggen van correspondentie met de werkgever en oordeelde dat eiser onvoldoende had aangetoond dat hij zich had ingezet om zijn baan te behouden.
De rechtbank stelde vast dat eiser niet had gereageerd op een bericht van zijn werkgever en dat hij de verplichting tot het behouden van algemeen geaccepteerde arbeid niet was nagekomen. Er waren geen dringende redenen om van de maatregel af te zien of deze te matigen. Daarom verklaarde de rechtbank het beroep ongegrond en wees zij het verzoek om terugbetaling van griffierecht en proceskosten af.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de maatregel van 50% verlaging van de bijstandsuitkering wegens verwijtbaar ontslag en verklaart het beroep ongegrond.