Uitspraak
Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken
Beschikking op het op 8 juli 2025 ingekomen verzoek van:
[de vader] ,
[de moeder] ,
Procedure
- het verzoekschrift;
- het F9 formulier van 31 juli 2025, met bijlagen, van de vader;
- het bericht van 31 juli 2025 van de moeder;
- het rapport en advies van de Raad voor de Kinderbescherming te ’s-Gravenhage (hierna te noemen: de raad) van 7 oktober 2025, kenmerk [kenmerk] ;
- de brief van 1 december 2025, houdende een gewijzigd verzoek, met bijlagen, van de vader;
- het verweerschrift tevens zelfstandig verzoek;
- de brief van 3 december 2025 van de vader;
- de brief van 3 december 2025 van de moeder.
Verzoek en verweer
- een voorlopige zorgregeling tussen de vader en [de minderjarige 2] vast te stellen van een weekend per veertien dagen van zaterdag 09.00 uur tot en met zaterdagavond 19.00 uur en zondagochtend 09.00 uur tot en met zondagavond 17.00 uur, waarbij de moeder [de minderjarige 2] naar de vader brengt en de vader [de minderjarige 2] terugbrengt;
- een voorlopige vakantieregeling vast te leggen inhoudende dat de vakanties bij helfte worden gedeeld en dat in de helft dat [de minderjarige 2] bij de vader is, hij om de andere dag bij de vader is van 11.00 uur tot 19.00 uur (inclusief avondeten), waarbij de moeder [de minderjarige 2] naar de vader brengt en de vader [de minderjarige 2] terugbrengt;
- voorlopig geen zorgregeling tussen [de minderjarige 1] en de vader vast te stellen;
- de vader te verplichten een hulpvraag te formuleren waarmee hij aan de slag gaat bij professionele hulpverleners;
- de verzoeken van de vader voor het overige aan te houden;
- de moeder vervangende toestemming te geven inhoudende dat zij met de kinderen naar Disneyland in [bestemming] mag gaan van 22 december tot en met 28 december 2025, althans vervangende toestemming voor een vakantie binnen Europa;
- een voorlopige vakantieregeling te bepalen inhoudende dat [de minderjarige 2] in de overige vakanties om de andere dag bij de vader is van 11.00 uur tot 19.00 uur (inclusief avondeten) in de helft van de schoolvakanties en [de minderjarige 2] de andere helft bij de moeder is;
Feiten
- Partijen hebben een affectieve relatie met elkaar gehad.
- Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:
- [de minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2019 te [geboorteplaats] ,
- [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2020 te [geboorteplaats] .
- De kinderen hebben de hoofdverblijfplaats bij de moeder.
- De ouders zijn gezamenlijk belast met het gezag over de kinderen.
- dat de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij de moeder zal zijn;
- dat tussen de vader en de kinderen een opbouwregeling zal gelden, waarbij de regie bij het CJG ligt;
- dat de moeder aan de vader maandelijks het door haar voorgestelde verslag, op neutrale toon, naar de vader verstuurt, met foto’s van de kinderen, waarop de vader in beginsel niet reageert, tenzij toelichting nodig is.
- de Raad voor de Kinderbescherming verzocht een onderzoek te verrichten en daarover in de nog aanhangig te maken bodemprocedure te rapporteren en advies uit te brengen;
- bepaald dat de moeder de vader eens per twee weken per e-mail informeert betreffende de gewichtige aangelegenheden van de kinderen inhoudende tenminste (maar niet uitsluitend) de schoolgang, het welzijn van de kinderen, medische behandelingen, sport en hobby;
- bepaald dat de moeder bij uitsluiting gerechtigd zal zijn tot het gebruik van de woning.
Beoordeling
Beslissing
- in de even weken zaterdagochtend tot en met maandagochtend naar school alsmede woensdag na school tot zaterdagochtend;
- in de oneven weken maandag na school tot en met woensdagochtend naar school;
(de vader)
(de moeder)
de verdeling van de zorg- en opvoedingstakenaan tot
1 april 2026 pro forma.