ECLI:NL:RBDHA:2026:2770
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Georgische nationaliteit na toepassing spoor 4 procedure
Eiser, een Georgische staatsburger, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister wees deze aanvraag op 15 juli 2025 af als ongegrond. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit. De rechtbank oordeelde dat de eerdere behandeling van de aanvraag in de versnelde procedure (spoor 2) onzorgvuldig was en dat de aanvraag opnieuw in de algemene procedure (spoor 4) moest worden behandeld.
Na een medisch onderzoek en aanvullend gehoor in mei 2025, werd het beroep inhoudelijk behandeld. Eiser stelde dat er sprake was van een onzorgvuldige besluitvormingsprocedure en dat het bestreden besluit was gebaseerd op een ingetrokken voornemen. De rechtbank stelde vast dat de waarborgen van spoor 4 waren toegepast en dat het medisch onderzoek geen beperkingen aan het licht bracht.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit terecht was gebaseerd op het inhoudelijke voornemen van 6 juni 2025, ondanks de intrekking van dat voornemen vanwege het mob-gaan van eiser. De minister mocht dit doen omdat eiser zich weer had gemeld. Er was geen sprake van een motiveringsgebrek of onzorgvuldigheid. Het beroep werd ongegrond verklaard en de afwijzing van de asielaanvraag bleef in stand.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag.