ECLI:NL:RBDHA:2026:2728

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
9 januari 2026
Publicatiedatum
13 februari 2026
Zaaknummer
NL25.48877
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang na inwilligend besluit minister

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen van de minister op zijn aanvraag. Op 29 oktober 2025 heeft de minister alsnog een besluit genomen, waardoor het oorspronkelijke bezwaar feitelijk is komen te vervallen.

Op 15 december 2025 heeft de gemachtigde van eiser laten weten geen contact meer te hebben met eiser, wat de rechtbank interpreteert als het ontbreken van procesbelang bij eiser om het beroep voort te zetten.

De rechtbank acht het niet nodig om partijen uit te nodigen voor een zitting en verklaart het beroep niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang na het nemen van een reëel besluit door de minister.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL25.48877
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: mr. F.W. Verweij), en
de minister van Asiel en Migratie,de minister.

Procesverloop

Deze uitspraak gaat over het beroep dat eiser heeft ingediend, omdat de minister niet tijdig heeft beslist op zijn aanvraag.
Op 29 oktober 2025 heeft de minister alsnog een besluit genomen op de aanvraag (het reële besluit).
Op 15 december 2025 heeft de gemachtigde van eiser bericht dat hij geen contact meer heeft met eiser. Om die reden staat het de gemachtigde niet vrij om het beroep in te trekken.

Overwegingen

1. De rechtbank vindt het in de zaak niet nodig om partijen uit te nodigen voor een zitting.1
2. Uit het bericht van de gemachtigde van 15 december 2025 concludeert de rechtbank dat eiser kennelijk geen belang meer hecht aan de behandeling van het ingestelde beroep. Het beroep van eiser is daarom niet-ontvankelijk. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
1. Artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.A. Schaaf, rechter, in aanwezigheid van
C.A.A.W. van der Heijden, griffier.
De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
09 januari 2026

Documentcode: [Documentcode]

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak kunt een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als u graag een zitting wilt waarbij u persoonlijk uw mening aan de rechter kunt geven, kunt u dit in uw verzetschrift aangeven.