ECLI:NL:RBDHA:2026:2234

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
7 januari 2026
Publicatiedatum
10 februari 2026
Zaaknummer
C/09/678316 / FA RK 25-151
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vaststelling zorgregeling met opbouw naar overnachtingen onder professionele begeleiding

De rechtbank Den Haag behandelde een verzoek tot vaststelling van een zorgregeling en vakantieregeling voor een minderjarige, waarbij uitbreiding van de omgang met overnachtingen bij de vader centraal stond.

Na een netwerkberaad van de Raad voor de Kinderbescherming werd geadviseerd dat Kroost+ de begeleiding van de uitbreiding zou moeten verzorgen. Hoewel de vader bezwaar maakte tegen Kroost+ en een bijzondere curator wilde benoemen, oordeelde de rechtbank dat Kroost+ een betrouwbare en betrokken partij is en dat een bijzondere curator niet nodig is.

De ouders kwamen overeen de zorgregeling uit te breiden met overnachtingen onder begeleiding van Kroost+, met als einddoel een co-ouderschapsregeling en een vakantieregeling die gelijkloopt met die van de andere minderjarige. De rechtbank stelde deze regeling vast en wees het meer of anders verzochte af.

De rechtbank compenseerde de proceskosten en verklaarde de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: De rechtbank stelt een zorgregeling vast met uitbreiding naar overnachtingen bij de vader onder begeleiding van Kroost+ en wijst het verzoek tot benoeming van bijzondere curator af.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige kamer
Rekestnummer: FA RK 25-151
Zaaknummer: C/09/678316
Datum beschikking: 7 januari 2026

Verdeling van de zorg- en opvoedingstaken

Beschikking op het op 8 januari 2025 ingekomen verzoek van:

[de vader] ,

de vader,
wonende op een voor de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. L.E. de Jong te Zoeterwoude.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de moeder] ,

de moeder,
wonende op een voor de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. B. van Haeften te ’s-Gravenhage.

Procedure

Bij beschikking van 19 maart 2025 van deze rechtbank is:
  • een zorgregeling en vakantieregeling voor [de minderjarige 1] vastgesteld;
  • bepaald dat [de minderjarige 2]
  • de Raad voor de Kinderbescherming verzocht om een onderzoek te verrichten in de vorm van een netwerkberaad en daarvan schriftelijk verslag te doen;
  • iedere verdere beslissing ten aanzien van de zorgregeling en de vakantieregeling
voor [de minderjarige 2] en de proceskosten aangehouden tot 15 september 2025 pro forma.
De rechtbank heeft wederom kennisgenomen van de stukken, waaronder nu ook:
  • het rapport en advies van de Raad voor de Kinderbescherming van 22 september 2025, kenmerk [kenmerk] ;
  • de brief van 26 november 2025, met aanvullend en gewijzigd verzoek en met bijlagen, namens de vader;
  • het verweerschrift, met zelfstandig verzoek en met bijlagen, namens de moeder.
De minderjarige [de minderjarige 2] is in de gelegenheid gesteld om zijn mening te geven over de verzoeken, maar hij heeft hier geen gebruik van gemaakt.
Op 3 december 2025 is de behandeling op de zitting voortgezet. Hierbij zijn verschenen: de vader met mr. C. Elsinga als waarnemend advocaat, de moeder met haar advocaat en
[naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad).

Beoordeling

De rechtbank handhaaft al hetgeen bij genoemde beschikking is overwogen en beslist. Aan de rechtbank liggen nu nog voor de verzoeken van de ouders voor vaststelling van een zorgregeling en vakantieregeling voor [de minderjarige 2] en de proceskosten.
Zorgregeling
De Raad heeft een netwerkberaad gehouden. Uit het rapport van de Raad hierover volgt dat uitbreiding van de zorgregeling met overnachtingen bij de vader mogelijk lijkt, als dit goed begeleid wordt door een professional met zowel medische als pedagogische kennis. Op de zitting heeft de Raad aangegeven dat Kroost+ de enige aangewezen partij is die deze begeleiding zou kunnen bieden, omdat zij al zo nauw betrokken zijn bij [de minderjarige 2] en ook de problematiek tussen de ouders kennen.
De ouders kunnen zich in dit advies vinden, maar worden het niet eens over de persoon die dit kan gaan begeleiden. De vader wil niet dat Kroost+ de uitbreiding van de omgang gaat begeleiden. De vader vertrouwt het bedrijf niet vanwege de bedrijfsvoering, omdat de medewerkers te veel naar de moeder luisteren en omdat Kroost+ bij het netwerkberaad heeft gezegd dat zij overnachtingen bij de vader niet in het belang van [de minderjarige 2] achten. De vader heeft zijn verzoeken aangevuld in die zin dat hij wil dat Anneke van Teijlingen als bijzondere curator over [de minderjarige 2] wordt benoemd, zodat zij de in te zetten begeleiding bij de uitbreiding van de omgang kan coördineren, al dan niet samen met Karol Henke als bijzondere curator voor de financiële aspecten. Daarnaast heeft de vader zijn verzoek voor de zorgregeling en vakantieregeling gewijzigd, waarbij hij voor de zorgregeling co-ouderschap verzoekt.
De moeder wenst dat Kroost+ de uitbreiding van de omgang zal begeleiden, omdat die organisatie bekend is met [de minderjarige 2] en kennis heeft van de hele situatie rondom [de minderjarige 2] . De moeder verzoekt aanpassing van de zorgregeling, in die zin dat [de minderjarige 2] in de ene week op maandagmiddag, woensdagmiddag en van zaterdagochtend tot zondagavond bij de vader is, en in de andere week op woensdagmiddag.
De rechtbank overweegt als volgt. De ouders zijn het erover eens dat er met een opbouw kan worden uitgebreid naar overnachtingen bij de vader. Mede gelet op het raadsrapport is de rechtbank ook van oordeel dat een dergelijke uitbreiding in principe mogelijk is en in het belang van [de minderjarige 2] is. De rechtbank is daarbij van oordeel dat Kroost+ de opbouw moet begeleiden. Kroost+ is een professionele organisatie die nauw betrokken is bij [de minderjarige 2] , zijn problematiek en de gezinsproblematiek. De rechtbank is met de Raad van oordeel dat Kroost+ vanwege de huidige betrokkenheid de meest voor de hand liggende partij is om de uitbreiding van de zorgregeling voor [de minderjarige 2] te begeleiden. In de stellingen van de vader ziet de rechtbank geen aanleiding om Kroost+ als onbetrouwbare organisatie aan te merken. Ook heeft de rechtbank geen aanwijzingen dat Kroost+ aan de hand van de moeder loopt. De Raad heeft op de zitting hierover ook aangegeven dat Kroost+ er juist voor [de minderjarige 2] is en in zijn belang handelt. Met betrekking tot de uitlatingen van Kroost+ tijdens het netwerkberaad over overnachtingen bij de vader overweegt de rechtbank dat in het verslag het volgende staat opgenomen: “Nu op dit moment experimenteren met structurele overnachtingen, zal ten koste gaan van [de minderjarige 2] zijn ontwikkeling.” Daaruit volgt naar het oordeel van de rechtbank niet dat Kroost+ pertinent tegen overnachtingen bij de vader is en hieraan niet zal meewerken, zeker nu beide ouders en de rechtbank van oordeel zijn dat er naar overnachtingen toe moet worden gewerkt. De rechtbank ziet verder geen toegevoegde waarde in de benoeming van een bijzondere curator die de uitbreiding van de omgang zou moeten coördineren. Een bijzondere curator zou worden benoemd om in het belang van [de minderjarige 2] te handelen en dat wordt al gedaan door Kroost+.
Op de zitting zijn de ouders overeengekomen dat zij als startpunt van de uitbreiding van de omgang de door de moeder verzochte zorgregeling zullen uitvoeren per [geboortedatum] 2025. In het belang van [de minderjarige 2] zal de rechtbank conform deze overeenstemming van de ouders beslissen. Met de ouders is op de zitting gesproken over wat het einddoel van de uitbreiding zou zijn. Mede gelet op de standpunten van de ouders is de rechtbank van oordeel dat het einddoel zou zijn een co-ouderschapsregeling en een vakantieregeling die gelijk oploopt met [de minderjarige 1] . Daarbij merkt de rechtbank uitdrukkelijk op, zoals ook op de zitting met de ouders is besproken, dat dit niet een einddoel is dat ten koste van alles gehaald moet worden. Het genoemde einddoel is een richtlijn voor uitbreiding, waarbij de draagkracht van [de minderjarige 2] leidend is. Aangezien de rechtbank een eindbeschikking zal wijzen, zal zij deze stip op de horizon ook opnemen onder het kopje ‘Beslissing’.
Verder wil de vader dat als [de minderjarige 2] meer tijd bij hem is, de financiële tegemoetkomingen die er voor [de minderjarige 2] zijn ook deels naar hem verschuiven. Hij vraagt om hier een bijzondere curator voor te benoemen die het persoonsgebonden budget zal beheren. De moeder geeft aan dat zij de zorgverleningscontracten kan aanpassen zodat er ook tegemoetkomingen naar de vader verschuiven en dat zij dat ook zal doen bij uitbreiding van de zorgregeling. De rechtbank gaat ervan uit dat de moeder dit overeenkomstig haar toezegging zal uitvoeren. Een bijzondere curator acht de rechtbank daar niet voor nodig, nog los van het feit dat dit niet een taak voor een bijzondere curator is en dat Karol Henke geen bijzondere curator is.
Proceskosten
Aangezien het hier een procedure van familierechtelijke aard betreft, zal de rechtbank de proceskosten compenseren zoals hierna vermeld.

Beslissing

De rechtbank:
*
bepaalt dat de minderjarige:
- [de minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum] 2016 in [geboorteplaats] ;
bij de vader zal zijn, met ingang van 20 december 2025:
  • in de ene week op maandag na school tot 18.30 uur, woensdag na school tot 18.30 uur en van zaterdag 10.00 uur tot zondag 18.30 uur;
  • in de andere week op woensdag na school tot 18.30 uur,
waarbij Kroost+ de (verdere) uitbreiding van de zorgregeling begeleidt, rekening houdend met de draagkracht van [de minderjarige 2] , en waarbij uitgebreid wordt in de richting van een co-ouderschap en een vakantieregeling die gelijk oploopt met [de minderjarige 1] ;
*
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad;
*
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. C. Witteman, kinderrechter, bijgestaan door mr. P.M.A. van Oosten als griffier, en uitgesproken op de openbare zitting van 7 januari 2026.