ECLI:NL:RBDHA:2026:21397
Rechtbank Den Haag
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot intrekking openbare biedingsprocedure ligplaats woonboot
Eiseres vordert in kort geding dat de Staat de openbare biedingsprocedure voor een ligplaats voor een woonboot intrekt en de huurovereenkomst onderhands aan haar gunt. Zij stelt dat zij de enige serieuze gegadigde is en dat de Staat haar een toezegging heeft gedaan, waardoor zij gerechtvaardigd vertrouwen heeft gekregen.
De Staat voert verweer en stelt dat er meerdere serieuze gegadigden zijn, die beschikken over de vereiste vergunningen, en dat de openbare biedingsprocedure rechtmatig is. De rechtbank past het kader van de Didam-arresten toe, waarin is bepaald dat bij meerdere serieuze gegadigden een openbare procedure moet worden gehouden met objectieve, toetsbare en redelijke criteria.
De rechtbank oordeelt dat eiseres niet de enige serieuze gegadigde is, nu er meerdere vergunninghouders zijn en een derde vergunning is aangevraagd. De stelling dat een andere gegadigde slechts inschrijft om dwars te zitten is onvoldoende onderbouwd. Ook is onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de Staat toezeggingen heeft gedaan die gerechtvaardigd vertrouwen wekken.
De belangenafweging leidt niet tot een bijzondere positie voor eiseres, omdat de selectiecriteria geen ruimte bieden voor persoonlijke omstandigheden. De vordering wordt daarom afgewezen en eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af en veroordeelt eiseres in de proceskosten.